Blog Image

Sadeler's blog

If I were a miller at a mill wheel grinding, would you miss your color box, and your soft shoe shining? (c) Tim Hardin

Link naar:  windmolens, Facebook   Meer weten? contacteer mij. 

Opgelet: Alle artikels en foto's zijn beschermd door copyright. Alle overeenkomsten tussen bestaande personen en personages berusten op louter toeval. Topfoto (c) Michel Verdoodt.

Train plus en Anthony Van Dyck

dagblog Posted on 22 mei, 2026 18:07

Train plus en Anthony Van Dijck.

Chester: Koude rillingen lopen over mijn rug op deze meer dan gewone zonnige dag. Ergens in een immens kerkgebouw in een te weinig geroemde stad. En oudere man tovert melodieën uit een kerkorgel.  De rillingen hebben te maken met herinneringen aan een kerk en muziek. Pakweg 25 jaar geleden, al komt het niet aan op een jaar meer of minder.  Saint Peter’s church in Chester, op een zonnige dag. Rond het middaguur, tijd voor ‘a pot of tea’, want dat kan in die bewuste kerk. Nu is nog enkel een klein gedeelte aan de rechterkant in het kerkgebouw afgeschermd voor erediensten.  De linkerzijde werd omgevormd tot tearoom, waar je bedient wordt door enkele oudere allervriendelijkste dames en heren.  Ooit stonden er een stuk of wat afgeschreven IBM PC2’s, waarop je gratis het internet op kon.  Kortom een internetcafe in een kerkhoek. Je vond ze in die dagen overal; in Liverpool bijvoorbeeld.  In deze kerk zag ik enkele jaren geleden nog een drumstel wachtend, of om bespeeld te worden, of om opgehaald te worden.  Vijfentwintig jaar geleden, bevond zich naast de tafeltjes waaraan je thee kon drinken een piano.  Daar zat een oude man, ik schat achter in de tachtig, de toetsen te beroeren, op een manier die je verplichtte om te luisteren.  Mooie onvergetelijke momenten.  Een jaar later zat hij er opnieuw te spelen, en daarna…. ben ik blijven binnenlopen bij Saint Peter, maar helaas geen oude man achter een piano, tot… vandaag hier in Gent.  

Gent: Kerken zetten tegenwoordig vaak hun deuren open, om voornamelijk toeristen naar binnen te lokken.  Ook toeristen in eigen land.  Ik hoorde naderhand de pianist aan enkele jonge deernes vragen: “English? Francais? Och Vlaams, hoor ik niet zo vaak, en er lopen hier dagelijks 600 mensen naar binnen.”  Waarom kijkt de Vlaming nog altijd argwanend naar kerken? Het laat zich raden.  Het wordt stilaan tijd dat men die “lege” gebouwen begint te koesteren als erfgoed, en dat men zich over de religieuze aspecten heen zet.  De pianist, vermoedelijk nog een overgebleven geestelijke, vertelde de meisjes dat ze met hun Gsm ook naar God konden bellen.

Ik wandelde verder, want in deze Sint Michielskerk hangt zowaar een Kruisiging gepenseeld door Anthony Van Dyck.  Behorend tot het selecte groepje van Vlaamse topstukken. Anthony in plaats van Antoon, omdat hij veel tijd sleet over de plas.  Ik ken hem voornamelijk van kopieën van zijn Sint Martinus afbeeldingen in diverse kerken in de Denderstreek. Wat mij eraan herinnert dat ik toch nog eens naar Zaventem moet, want daar, juist ja, hebben ze een Sint Martinuskerk en een Van Dyck. 

Terug naar Gent. Bij het schilderij liggen teksten in drie talen met uitleg over wat we precies zien op deze afbeelding van Golgotha. De moeite waard om enige zinnen te citeren, die neergepend werden door ‘Herman Streulens’, een Oblaat Benediktijn. Ik citeer: ‘Het kruis werd in die tijd op voorhand klaargemaakt met 3 doorboorde gaten voor de nagels.’  Dit verbaast mij omdat ik ooit in mijn schooltijd van een bakkerszoon-priester, die ons les gaf hoorde dat men in feite de gekruisigden aan het kruis vastbond met touwen.  Vermoedelijk niet meer controleerbaar. De oblaat gaat verder: ’Eerst de rechterpols passen op de opening en nagel erdoor.’  Meten is weten leerden wij indertijd. Het begint al bij al macaberder te worden: ‘Toen ze de linkerpols pasten, was de opening te ver, dan maar de schouder uitgetrokken, nog te ver.’  Hé?  Was die benedictijn daar toevallig bij aanwezig?  Bon, ik begin mij vragen te stellen. ‘Dan maar de nagel door de hand. En dan de 2 voeten samen, met duivelse razernij de nagel erdoor.’ Ik mag hopen dat u zich stilaan een beeld kunt vormen van wat Anthony Van Dijck moet bezield hebben toen hij aan dit schilderij werkte. Ook de oblaat begint zich vragen te stellen, want we lezen verder: ‘Voldoende om alle zonden uit de wereld te helpen?’ Tja u vraagt, maar wij weten het niet. ‘Neen’ gaat het verder ‘ Ze draaien met veel geweld het kruis om, de nagels moeten immers omgeslagen worden. Nog niet voldoende?’  God nog aan toe wat heeft oblaat Streulens dan nog meer kunnen vaststellen? ‘Ze kipten met geweld het kruis in de klaargemaakte put en met een plof viel het kruis in de put, Jezus snakkend naar adem. De nagels scheurden zijn vel nog meer open.’  In zijn volgende zin besluit hij dat het lijden onmenselijk was, om het mensdom te redden.  Het woord mensdom wordt in de Engelse tekst gewoon vertaald door ‘us’.  Staat u mij toe dit toch wel een merkwaardig onderdeel te vinden van de verdere beschrijving van het schilderij, waarbij overigens elke figuur aan bod komt.  Zo verneem ik nog dat Maria 69 is geworden, al schrijft de oblaat daarbij ‘denk ik’, en weet hij dat zij haar ganse leven in het blauw was gekleed, behalve die ene sterfdag waarop ze een wit kleed droeg.  

Om af te ronden nog dit over Maria Magdalena, een publieke vrouw, die Jezus eerst  in het gezicht spuwde, en later zijn beste vriendin werd. ‘Is dat geen duidelijk voorbeeld om nooit mensen te beschuldigend na te wijzen?’  Ik mag hopen dat de social community van facebook en aanverwante vroeg of laat de Sint Michielskerk bezoekt, op zoek gaat naar het schilderij van Van Dyck, deze tekst ter hand neemt, en… glimlacht.   Het werd toch nog een mooie zomerdag, daar aan de Graslei bij een kopje koffie. Gent die fiere…..

Wat vooraf ging.

Eind december nog snel een Train+ kaart gekocht. Gisteren vastgesteld dat het gebruik ervan, althans bij mij, tot nu toe onbestaande was.  

Dan maar een ticket geregistreerd via het net, en na een korte wandeling naar het station moeten vaststellen dat een stem uit het plafond mij verkondigd dat omwille van technische problemen de trein is afgeschaft.  Ik zie rondom mij, niemand die hierop reageert.  Zou dit dan betekenen dat het toch waar is dat dit dagelijkse kost is, waar je geen verhaal tegen hebt?  De volgende trein komt er aan, een half uur later, en wat leuk, er werden enkele extra haltes ingelast, om het probleem van de vorige trein wat te verzachten, mag ik vermoeden.  Gevolg is dat we dus niet enkel een trein hebben gelmist, maar ook nog eens, door die extra stops, later aankomen.  

Alleen al om de bouwwerf van het Gentse station te aanschouwen kom je ogen tekort.  Hoe zal deze huidige betonnen wildernis er ooit uitzien?  Gent beschikt over een station dat aan de rand van de stad werd gebouwd. Wij zullen uiteindelijk tegen de avond dik15.000 stappen hebben gezet.  De aanhangers van de 10.000 stappen plannen kunnen dus gerust zijn over mijn geleverde inspanning.  

Besluit: twee uur nodig om tot Gent te treinen, en wat langer te genieten van de plus in trein+. Zou het echt kloppen dat een trein je in 5 uur van Lede naar Wales kan brengen, of in acht uur naar Liverpool?

Wandelen door het historische Gent en prakkezeren over treinreizen naar Wales voeren mij terug naar Mitchell Troy.  Voor alle duidelijkheid, dit is een plaats en geen persoon. Het ligt wat verder dan Monmouth (dat dan weer dicht bij Rockfield ligt). Monmouth de poort naar Wales. Op de campsite in Mitchell Troy, met de heerlijke naam Glenn Trothy, maakten we kennis met een Brit, die daar tijdelijk verbleef vanwege een job in de omgeving. Hij kon onze nummerplaat van onze auto niet direct thuisbrengen en informeerde naar ons thuisland. Kunnen wij het helpen dat wij nog steeds rondtoeren met nummerplaten waarop rode tekens op een witte achtergrond te zien zijn. Het had anders gekund: gele letters op zwarte achtergrond. Althans dat was wat ene J. Sauwens jaren geleden voor ogen had. Buiten de waard gerekend want in België, zijn dergelijke wijzigingen onuitvoerbaar.  De heer Sauwens nam dan maar weervraak en schilderde eigenhandig alle rood/witte verkeerspalen in geel en zwart.  We genieten er nog alle dagen van. Dat België  bekend staat als een surrealistische natie, moet toch ergens vandaan komen. 

Bon, de man op de campsite, zette een pas achteruit en sprak tot ons op kordate toon: ‘Och jullie komen uit België, het land dat geen geschiedenis heeft.’  We hebben daar toen toch wat op doorgeboomd. Dat bedenk ik nu wanneer ik op de Sint-Michielsbrug sta, en voor mij de torens van Gent zie. Geen geschiedenis?  Ik hoor inderdaad twintig talen rondom mij. Zijn we misschien ergens in de geschiedenis onder de voet gelopen?  Wij waren toch de dappersten van heel Gallië.  Wist u trouwens dat Gallië, Wallonië en Wales taal gezien allemaal hetzelfde betekenen? Vreemden. Inderdaad zij die langs de buitenboorden van het Romeinse rijk leefden.   

Laat het ons houden op het feit dat we iets te bescheiden zijn, en onze identiteit laten kapen door elke nitwit met een vlag die we niet kunnen of willen zien als de onze.  

Gent is de laatste jaren toch enigszins veranderd.  Geen trams meer in de Veldstraat, meer wandelaars: lees toeristen in de straten. Ik drink mijn koffie langs de Graslei en betaal aan een meisje achter in de bar. Zij overlegd erst druk met een andere dienster in een taal, die je niet voor mogelijk houdt. Aan het meisje dat met mij afrekent vraag ik: ‘Waar kom je vandaan?’ Ze oogt rond de twintig en zegt in onze vlekkeloze taal: ‘Uit Oekraïne’. Het andere meisje spreekt enkel Engels en geeft haar identiteit niet prijs.  Ik besluit dat ze Russisch is, wat toch fantastisch zou zijn, mocht het waar zijn. Want zijn we niet allen dezelfde mensen op deze aardkloot?  Ook hier in Gent?



De classics 1000 doorgelicht.

Classic rock Posted on 16 apr, 2026 09:52

Pasen is net een week voorbij en we zijn halverwege de periode waarbij de reguliere programmatie van Radio 1 (VRT) op de schop wordt gezet. Zoals reeds gezegd bekruipt elk jaar opnieuw dat onbestemd gevoel, dat er wat short aan een intussen tot de meubelen behorend gegeven als dit twee weken durend spektakel. Toegegeven we weten dat gedurende twee weken min of meer klassiekers zullen worden geserveerd, en dat de kans dat we de lievelingsmuziek van Radio 1 samenstellers meerdere keren horen volkomen uitgesloten is. So far the good news.

Een ding weet ik met stellige zekerheid; ik ben niet de enige die zich ergert aan alle mogelijke toppen honderden, duizenden en eender-wat-voor-aantal lijsten. Al zullen er zijn die mij influisteren: “Laat dat toch los, en geniet er gewoon van.” En dat is nu precies wat niet echt lukt. Loslaten. Want de exacte wetenschap stelt dat een en ander niet klopt. Niet dat ik maagkrampen krijg van de Radio Eén Top Duizend.
Het zijn al bij al overwegend beluisterbare radiomomenten in een wat anders eerdere troosteloze paasvakantie zou zijn. De VRT gaat er immers van uit dat er geen nieuws te rapen valt in die periode, en stuurt haar vast personeel met vakantie. Een paar droplullen zijn er altijd wel te vinden die graag deze twee weken aan elkaar praten. Zouden artiesten er al rekening mee houden dat ze in deze periode en ook rond kerstmis beter geen nieuw werk uitbrengen waar de Radio Een luisteraar in zou kunnen geïnteresseerd zijn?

Hoe kan ik het best mijn ergernis omschrijven? Laat ik om te beginnen stellen dat de muziek tamelijk meevalt, en voor een behoorlijk percentage gericht is op de Radio een luisteraar. Hier en daar een verdwaalde rap plaat ter zijde gelaten. Het ergelijke zit hem in het feit dat iemand ‘met hulp van de luisteraars’ gemeend heeft deze stroom muziek te moeten in mootjes hakken en van een rugnummer voorzien. Echt nodig? We zullen aantonen dat de term manipulatie hier best op zijn plaats is.

Alles kan beter. Wat mij steeds weer het behang injaagt, is het niet weten, niet kunnen vatten, hoe een dergelijke lijst wordt samengesteld. Het zou een doorslag moeten zijn van waar het luisterpubliek van Radio 1 voor staat, maar dat is het niet. Getuige hiervan de veel te jonge nummers die elk jaar opnieuw opduiken, daar waar we er toch mogen van uitgaan dat die jeugd eerder in de catacomben van Studio Brussel verblijft. Waarom er niet van uit gaan dat een Classic pas Classic klan worden na pakweg 20 of 25 jaar? Ruimte genoeg dus voor vernieuwing in de lijst.

Ter info nog dit. De oorsprong van dit soort van lijsten maken ligt al meer dan 50 jaar achter ons. Was het niet Radio Veronica die hiermee van start ging? Eerst via het jaarlijks top 100 overzicht van het jaar. In onze herinnering zaten in de allereerste 100 lijsten steevast Beatles, Stones, Deep Purple, Zeppelin en Procol Harum bovenin. Geen Pink Floyd om maar iets te noemen. Veronica slaagde er zelfs in om hits te laten ontstaan via die lijsten. Denk maar aan Alice Cooper met het langere nummer Halo of Flies en inderdaad ook Purple met Child in Time.

Waarom geen twee weken ‘echte’ classics laten horen, zoals tijdens een of andere wilde staking? Zonder vermelding van een nummer. En als het dan toch moet dan zou ik de genummerde lijst beperken tot een canon van 50 of 100 nummers gekozen door luisteraars, die dan wel een ongenummerd lijstje van 10 nummers mogen ophoesten. Lijkt ons een stuk democratischer, en bovendien realistischer. Mocht men daarbovenop definiëren wat een ‘classic’ echt is dan pas zou het een feest kunnen zijn. Wij denken aan nummers die op zijn minst 25 jaar geleden werden uitgebracht. Sorry Pommelien. En waarom niet onmiddellijk twee lijsten maken. Een voor albumtracks en een voor nummers die echt als 45 of CD-single werden gereleased.
Voor de statistici zou je kunnen in een dergelijke pol nog bijkomen vragen wat het geslacht of godnogaantoe gender is van de indiener en in welke leeftijdscategorie die zich bevindt, gaande van puber tot oudevandagen. Kortom ergernis en maagkrampen voorkomen, en eindelijk met wat toonbaars naar buiten treden. Je zou als zij-instromer Guy Mortier kunnen uitnodigen voor de presentatie. Dan zou er nog kunnen wat gelachen worden ook.

Maar keren we terug naar dat wrange gevoel. Wie bepaalt welke artiesten, met welke nummers in een 1000 nummers lange lijst verschijnen, en vooral waar ze zich situeren in een dergelijke lijst.
Enkele vaststellingen. Een nummer moet minstens 1 keer worden genomineerd om te worden opgenomen. Dat betekent dat minstens een individu een stem uitbrengt.
In de meest eerlijke lijst zou puur logisch elke nummer een punt meer moeten hebben dan zijn voorganger.
En hier begint de statisticus in ons zich te moeien, want net als de kans op correcte lottocijfers kan dit berekend worden. En wel als volgt: om tot een unieke lijst te komen geven we aan nummer 1000 een puntje, nummer 999 twee puntjes, enz… tot nummer 1 dat 1000 punten krijgt. Tellen we dit samen dan eindigen met een totaal van 500.500 punten. In het geval van de Classix 1000 mag je als individu op drie verschillende nummers stemmen. Zo komen we te weten dat er dus 168.000 individuele personen nodig zijn om een stem uit te brengen. En dat is het strikte minimum, want…. nogal wat personen stemmen op dezelfde nummers. Wat ons doet besluiten dat er dus minstens het dubbele aan stemmers nodig zal zijn. Volgt u nog?
We bekeken laatst de CIM cijfers van het luisterpubliek, en daaruit kunnen we leren dat puur linear gemeten Radio 1 een marktaandeel heeft van 7,8 procent van het totale luisterpubliek van 2.500.000 luisteraars. Dit zou ongeveer 200.000 luisteraars per maand opleveren.

Stemmen die allemaal voor de Classix 1000? Wie kan mij dit vertellen?

Tijd dus om mijn vriend Azaire Ickwistentwel in te schakelen. Ik meen dat jullie hem vooral beter kennen via zijn initialen AI.
Tijdens de discussie krijgen we steeds meer het gevoel dat ergens aan de andere donkere kant van het scherm iemand zit die eerst maar wat lult, en geleidelijk aan beseft dat onze vraag toch ernstig moet worden genomen. En ook al komt er geen echte soliede uitleg, toch hebben we uiteindelijk een antwoord op onze vraag. Namelijk Radio 1 doet het op zijn …..

Leest u even mee.
Beste vertel mij eens: “Hoe berekent de VRT Radio 1 de rangschikking van de Classix 1000?”

Wij krijgen na enig nadenken van Azaire ellenlange berekeningen te zien op het scherm van onze IPad. Ik voeg ze achteraan toe.
Concreet begrijp ik dat Radio 1 gewoonweg niet het aantal stemmen nodig heeft dat ik naar voor schuif om tot een “aanvaardbare lijst” te komen, want ze hanteren het systeem van tie-breaking.
Ik laat het antwoord ophoesten door Google, met wat AI hulp.

Tie-breaking in een rangschikking van een top 100-platenlijst (zoals de Top 2000, Tijdloze 100, of Spotify-charts) is het proces waarbij wordt beslist welk nummer hoger eindigt als twee of meer platen precies hetzelfde aantal stemmen of punten hebben gekregen. 

Omdat een lijst een strikte volgorde van 1 tot 100 vereist, moeten deze ‘dode spel-situaties’ (ties) worden doorbroken.

Hoe werkt tie-breaking bij muzieklijsten?
Meestal worden er vooraf regels opgesteld om te bepalen welk nummer voorrang krijgt. De meest voorkomende methoden zijn:
Totaal aantal stemmen (in de laatste ronde): Als platen gelijk eindigen, wint het nummer dat in de laatste fase van de stemming de meeste stemmen heeft gekregen.
Historische positie: In lijsten als de Top 2000 wordt vaak gekeken naar de positie van het nummer in het voorgaande jaar. Het nummer dat vorig jaar hoger stond, krijgt de voorkeur.
Hoogste notering: Het nummer dat ooit in een eerdere editie de hoogste piekpositie heeft behaald, wint.
Aantal stemmers (populariteit): Als twee nummers evenveel punten hebben, wint het nummer dat door een groter aantal unieke personen is gekozen (in plaats van een nummer dat door een kleine groep fanatieke stemmers heel hoog is geplaatst).
Willekeur/Loting: Als er aan alle statistische criteria is voldaan en er nog steeds een gelijkspel is, wordt er soms een loting uitgevoerd. 
Voorbeeld
Nummer A: 5000 stemmen, hoogste positie ooit: 10
Nummer B: 5000 stemmen, hoogste positie ooit: 5
Tie-breaker: Nummer B wint omdat het historisch gezien een hogere notering heeft behaald.
Tie-breaking zorgt ervoor dat de ranglijst eerlijk en definitief is, zelfs bij zeer nipte resultaten.

Als voorbeeld stelt men dat met 40.000 stemmen al een mooi resultaat wordt bereikt. Nl. omdat de top 10 40 procent van de stemmen opslorpt, oftewel dus 16.000 stemmen. De top 90 overige van de top 100 nemen dan nog 12.000 stemmen op. Tussen plaats 100 en plaats 500 krijg je dan nog 8000 stemmen, en de laatste 500 moeten het stellen met 4000 stemmen, of pakweg 8 stemmen per nummer.
Op dier manier wordt het duidelijk dat de rangschikking van de nummers tussen 100 en 1000 zeer discutabel blijkt, en vooral ingegeven wordt door de manier waarop de tie-breaking wordt opgezet. Concreet met 30 tot 50 stemmen krijg je zo een nummer de top 300 binnen. Fans van Irish Coffee waarop wachten jullie? Het toont ook aan dat je geen 100.000 man nodig hebt om, zoals indertijd bij Studio Brussel, een “hit” als ‘Er staat een Paard in de gang’ op nummer 1 te stemmen. (bron: https://tijdloze.rocks/website/methodologie). Bij 40.000 stemmers heb je genoeg aan 1600 stemmen. Iets om over na te denken.

Dit moest er even uit. Het is paasvakantie en komkommertijd voor iets. En we zijn al aanbeland in de hogere regionen waar nummers van Prince afgewisseld worden met nummers van mindere goden als Wilco en of Shism van Tool op nummer 391. Man, man, man, Shism van Tool…. Waar’ zijn ze mee bezig…. Les Classiques?

We vragen het ons blijvend af.

Veel luistergenot.

Wie wil kan hieronder de redeneringen van Azaire Ickwistentwel helemaal lezen.
‘De rangschikking van de “Classics 1000” van “VRT” (vaak ook “Classix 1000” genoemd) is in de basis vrij eenvoudig, maar met één belangrijke nuance:

  1. Luisteraars stemmen
  • De lijst wordt ‘volledig bepaald door het publiek’
  • Luisteraars van ‘Radio 1’ stellen hun persoonlijke top samen (meestal via de website of app).
    Elk nummer dat mensen kiezen, krijgt stemmen.
    Met andere woorden: het is geen jury of algoritme, maar ‘collectieve voorkeur van de luisteraars’.
  1. Aantal stemmen bepaalt de ranking
  • De positie van een nummer hangt af van ‘hoe vaak het voorkomt in alle ingestuurde lijstjes’.
  • Hoe meer stemmen een nummer krijgt, hoe hoger het eindigt.
    Zo kon bv. ‘Imagine’ plots naar nummer 1 springen doordat veel mensen het dat jaar kozen. (Bron Radio 1)
  1. Mogelijk gewogen (maar niet volledig transparant)
  • De VRT geeft ‘geen volledig gedetailleerde formule’ vrij.
  • In de praktijk gaan radiozenders vaak op één van deze manieren te werk:
     – Ofwel telt ‘elke vermelding even zwaar’
     – Ofwel krijgen ‘hogere plaatsen in iemands lijst meer punten’

Voor de Classics 1000 is het duidelijk dat ‘populariteit (aantal stemmen)’ de doorslag geeft, maar de exacte puntentelling is niet publiek uitgelegd.

  1. Geen objectieve “beste nummers”
  • De lijst weerspiegelt dus:
     * smaak van het moment
     * actualiteit (bijv. maatschappelijke thema’s)
     * mobilisatie van fans
    Daarom kunnen nummers soms grote sprongen maken van jaar tot jaar.
     
    Kort samengevat: de Classics 1000 is een ‘publieksstemming’ waarbij nummers gerangschikt worden op basis van ‘hoe vaak (en mogelijk hoe hoog) luisteraars ze kiezen’. De exacte rekensleutel is niet volledig transparant, maar ‘populariteit bij het publiek bepaalt de volgorde’.

En onzen Azaire voegt er nog aan toe: “Als je wil, kan ik ook uitleggen waarom bepaalde artiesten (zoals Pink Floyd of Bowie) bijna altijd hoog scoren—daar zit ook een interessant patroon achter.”
Zie bijvoorbeeld: “Radio 1-luisteraars maken statement voor vrede: Imagine van John Lennon op nummer 1 in Radio 1 Classics 1000.” https://communicatie.radio1.be/radio-1-luisteraars-maken-statement-voor-vrede-imagine-van-john-lennon-op-nummer-1-in-radio-1-classics-1000?utm_source=chatgpt.com

Wij nemen aan dat elke ‘normale’ luisteraar het hiermee doet, maar wie zijn wij? Doorgaan is de boodschap. Dit vraagt om meer duidelijkheid en dus antwoorden wij met: “Graag meer uitleg over o.a de hoge plaats van Pink Floyd.”
Azaire krabt even achter zijn oren menen wij te ontwaren en barst dan los:
De hoge posities van “Pink Floyd” in de Classics 1000 van “VRT” / Radio 1 zijn geen toeval. Er zitten een paar duidelijke mechanismen achter die elkaar versterken:

  1. “Albumbands” scoren beter in stemlijsten
    Pink Floyd is geen typische singlesband, maar een ‘albumgerichte groep’. Albums zoals: The Dark Side of the Moon, Wish You Were Here en The Wall worden door fans vaak als ‘totaalervaring’ gezien, met als gevolg: mensen stemmen niet op één nummer, maar op ‘meerdere tracks tegelijk’ (bv. ‘Time’, ‘Comfortably Numb’, ‘Shine On You Crazy Diamond’). Dat geeft Pink Floyd een structureel voordeel: ‘veel nummers in de lijst én hoog’.
  2. Emotionele en “serieuze” muziek past bij Radio 1. Radio 1 richt zich eerder op een publiek dat houdt van:
    diepgang, nostalgie, muzikaal vakmanschap. Pink Floyd sluit daar perfect bij aan: thema’s zoals vervreemding, tijd, oorlog, lange, atmosferische nummers, geen “lichte pop”, maar ‘belevenismuziek’
    In stemlijsten kiezen mensen sneller nummers die ‘impactvol en betekenisvol’ aanvoelen → Pink Floyd scoort daar extreem goed.
  3. Generatie-effect (de kern van de luisteraars)
    Veel Radio 1-luisteraars zijn: opgegroeid in de jaren 70–90, vertrouwd met klassieke rock
    Pink Floyd zit exact in dat referentiekader, net als: David Bowie, Led Zeppelin, The Beatles
    Resultaat: een soort “canon” van muziek die telkens opnieuw hoog eindigt.
  4. Zelfversterkend effect (canonvorming)
    Eens een nummer hoog staat, gebeurt dit: mensen verwachten het in de lijst, het krijgt veel airplay, nieuwe stemmers nemen het over. Voorbeelden zijn: Comfortably Numb en Wish You Were Here. Die worden bijna “verplichte keuzes” in toplijstjes.
  5. Muzikale kenmerken die stemmen aantrekken
    Pink Floyd heeft een paar troeven die ‘perfect werken in rankings’: lange opbouw → voelt “episch”, herkenbare gitaarsolo’s, sterke sfeer → blijft hangen
    In een stemsituatie kiezen mensen sneller: een ‘iconisch nummer’ dan een leuk maar vluchtig liedje
  6. Geen versnippering zoals bij moderne artiesten
    Bij hedendaagse artiesten: stemmen worden verdeeld over veel songs, populariteit is diffuser
    Bij Pink Floyd: een relatief ‘beperkte set iconische tracks’, stemmen concentreren zich → hogere posities

Samengevat
Pink Floyd staat zo hoog omdat ze:

  • meerdere sterke nummers hebben (→ veel stemmen)
  • perfect aansluiten bij het Radio 1-publiek
  • al decennia in de “muzikale canon” zitten
  • emotioneel en inhoudelijk zwaarder wegen dan doorsnee pop
    Het is dus geen toeval, maar een combinatie van ‘muziekstijl + publiek + stemgedrag’.
     
    Het gevoel bekruipt ons dat er wordt afgeweken van het onderwerp en ook Azaire geeft niet op en komt nu aandraven met Queen. No way, dat wij daar verder willen op doorbomen.
    Hier zijn vraag: “Als je wil, kan ik ook analyseren waarom bijvoorbeeld ‘Queen’ vaak nóg breder scoort dan Pink Floyd, of waarom sommige moderne artiesten moeilijk in de top geraken.”

Wij proberen hem terug het rechte pad op te sturen met volgend argument: ”Volgens de CIM cijfers heeft Radio 1 een luisterpubliek van 187.200 luisteraars. Om 1000 platen te rangschikken heb je minstens 500.500 stemmen nodig. Indien elk op 3 liedjes stemt dus toch nog steeds 166.834 individuele stemmen. Hoe valt dat te rijmen?”

En nu gaan we het krijgen. We worden zomaar beschuldigd van verkeerde aannames! Gelukkig onderbouwt hij zijn stelling als volgt: “Je redenering lijkt logisch, maar vertrekt van een paar aannames die in de praktijk niet kloppen. Daardoor lijkt het alsof de cijfers niet kunnen, terwijl ze wél te verklaren zijn.”

Laten we dat stap voor stap ontleden:

  1. Die 187.200 luisteraars is geen “totaal publiek”
     
    De “CIM-cijfers” (Centrum voor Informatie over de Media) geven meestal:
  • het ‘gemiddeld aantal luisteraars op een bepaald moment’
  • (of per kwartier, afhankelijk van de metric)
    Dat is dus ‘niet het totaal aantal unieke mensen’ dat Radio 1 bereikt.
    In werkelijkheid:
  • luisteren ‘veel meer mensen gespreid over een dag/week’
  • het ‘weekbereik’ ligt vaak een veelvoud hoger (soms x5 tot x10)
    Dus potentieel: ’honderdduizenden tot meer dan een miljoen unieke luisteraars’ kunnen in aanraking komen met de stemactie.
  1. Niet alleen Radio 1-luisteraars stemmen
    De stemming voor de Classics 1000 van “VRT” is:
  • ‘open voor iedereen’ online toegankelijk, dus ook:
  • occasionele luisteraars
  • ex-luisteraars
  • mensen die gewoon de lijst leuk vinden
    Je hebt dus ‘geen 1-op-1 relatie’ tussen luistercijfers en stemmers.
  1. Je aanname van “500.500 stemmen” klopt niet
    Je veronderstelt impliciet: elke positie moet een uniek aantal stemmen hebben
    Maar zo werkt het niet. In realiteit: nummers krijgen ‘ruwe stemtotalen’, die worden gewoon ‘gerangschikt van hoog naar laag’, dus: je hebt ‘geen minimum aantal stemmen nodig per plaats’, nummer 1000 kan bv. maar ‘enkele stemmen’ hebben. Je hebt dus absoluut géén 500.500 stemmen nodig.
     
  2. Mensen stemmen meestal op méér dan 3 nummers
     
    Typisch bij zulke lijsten: mensen geven een ‘top 10, top 20 of zelfs top 100’
     
    Stel:
     
  • 50.000 deelnemers
  • elk gemiddeld 20 nummers
     
    dan heb je al:
  • 1.000.000 stemmen
     
    Zonder dat je veel individuele deelnemers nodig hebt.
     
  1. Zelfselectie (enthousiaste stemmers)
     
    Belangrijk mechanisme:
     
  • slechts een ‘klein deel van het publiek stemt’
  • maar die mensen zijn ‘zeer betrokken’
     
    Dat zijn vaak:
     
  • muziekliefhebbers
  • fans van bepaalde artiesten (zoals Pink Floyd)
  • mensen die actief campagnes delen
     
    Een relatief kleine groep kan dus ‘veel stemmen genereren’.
     
  1. Hoe valt het dan wél te rijmen?
     
    Een realistisch scenario:
  • bereik Radio 1 (week): bv. 800.000+ mensen
  • slechts 5% stemt → 40.000 deelnemers
  • elk stemt op 20 nummers → 800.000 stemmen
    Perfect voldoende om:
  • 1000 nummers te rangschikken
  • duidelijke verschillen te krijgen
    Conclusie
    De schijnbare tegenstelling verdwijnt omdat:
  • CIM-cijfers ≠ totaal aantal unieke luisteraars
  • stemming is open voor meer dan enkel luisteraars
  • je hebt geen minimum stemmen per rang nodig
  • mensen stemmen op veel méér dan 3 nummers
    Daardoor heb je ‘veel minder unieke stemmers nodig dan je denkt’, maar toch ‘ruim voldoende stemmen’ om een top 1000 samen te stellen.
     
    Als je wil, kan ik een simulatie maken (met concrete cijfers) die toont hoeveel stemmen nodig zijn om zo’n lijst statistisch stabiel te maken—dat is best interessant en soms verrassend laag.

Bon, ik laat hem een simulatie maken, maar daarna begin ik er stilaan genoeg van te krijgen.

Ik toon hoe weinig stemmen je eigenlijk nodig hebt om een stabiele top 1000 te krijgen.

Simulatie 1: “Kleine maar actieve groep”
‘Aannames:’

  • 30.000 deelnemers
  • iedereen stemt op gemiddeld 15 nummers
    Totaal aantal stemmen:
  • ‘30.000 × 15 = 450.000 stemmen’
  • ‘Wat betekent dit voor de ranking?’
  • Top 10: duizenden stemmen per nummer
  • Top 100: honderden stemmen
  • Plaats 1000: misschien ‘5–20 stemmen’
     
    Resultaat: volledig werkbare lijst. ‘je hebt géén enorme aantallen nodig om plaats 1000 te vullen’
    Hoe stabiel is zo’n lijst?
    Interessant punt:
  • Top 50 → ‘zeer stabiel’ (verandert weinig jaar tot jaar)
  • Top 100–300 → redelijk stabiel
  • Onderste 500 → ‘veel beweging mogelijk’
     
    Daarom zie je:
     
  • altijd dezelfde klassiekers bovenaan
  • maar veel variatie onderaan

Belangrijkste inzicht uit de simulatie. Je initiële idee was: “Je hebt honderdduizenden unieke stemmers nodig”. Maar in werkelijkheid: ‘30.000 – 60.000 actieve stemmers is al ruim voldoende’
Omdat: mensen op meerdere nummers stemmen. Stemmen zich concentreren rond bekende songs. La
ge posities weinig stemmen nodig hebben.
En dat is méér dan genoeg om een geloofwaardige top 1000 te maken.

Als je wil, kan ik nog een stap verder gaan en simuleren hoeveel stemmen een nummer nodig heeft om bv. top 10 of top 100 te halen—dat geeft een goed gevoel voor hoe “moeilijk” die posities zijn.

Dit loopt nu toch wel echt de spuigaten uit. Azaire is een topper in het simuleren, dat is nu wel duidelijk. Ook dat hij mijn aannames duidelijk niet snapt.

Ik onderneem een nieuwe poging en schrijf schoorvoetend: “Graag verdere simulatie, maar hou er rekening mee dat elk individu maar maximum 1 keer mag  stemmen op maximum 3 nummers.”

Bon hij wordt wakker en repliceert: ”Goed — met jouw strengere voorwaarden verandert het plaatje wel degelijk. Dan gaan we echt rekenen met ‘weinig stemmen per persoon’, en wordt het interessanter.”
Basisscenario: hoeveel stemmen zijn er nodig?
We nemen drie realistische scenario’s:
Scenario A — 40.000 deelnemers

  • 40.000 × 3 = ‘120.000 stemmen’
    Scenario B — 60.000 deelnemers
  • 60.000 × 3 = ‘180.000 stemmen’
    Scenario C — 100.000 deelnemers
  • 100.000 × 3 = ‘300.000 stemmen’
    Hoe worden die stemmen verdeeld?
    Stemmen volgen bijna altijd een ‘ “long tail” verdeling’:
  • enkele nummers krijgen véél stemmen
  • heel veel nummers krijgen weinig stemmen 
    Dat is perfect haalbaar voor klassiekers zoals: 
  • Comfortably Numb
    -Bohemian Rhapsody

Top 100

  • nodig: ± 0,3% – 1% van stemmers
  • dus:
    ‘180 – 600 stemmen’
    Nog steeds relatief toegankelijk
    Top 500
  • nodig: ± ‘0,05% – 0,3%’
  • dus:
  • ‘30 – 180 stemmen’
    Plaats 1000
    nodig:
  • ‘5 – 20 stemmen volstaan vaak al’

Belangrijk gevolg van jouw beperking (max 3 stemmen)
Dit verandert het gedrag sterk:
 

  1. Meer competitie aan de top
     
    Mensen moeten kiezen → minder spreiding
    Grote klassiekers krijgen relatief ‘meer concentratie’
     
    voordeel voor bands zoals:
     
  • Pink Floyd
  • Queen
     
  1. Minder “niche” nummers
     
  • Minder ruimte voor obscure keuzes
  • Staart van de lijst wordt ‘dunner’
     
  1. Kleinere groep kan nog steeds volstaan
     
    Zelfs met beperking:
     
  • ‘50.000 deelnemers × 3 stemmen = 150.000 stemmen’
     
    Dat is:
     
  • ruim voldoende voor 1000 plaatsen
  • met duidelijke verschillen
     
    Realistische conclusie
     
    Met jouw strikte regels:
     
  • Je hebt géén 166.000 deelnemers nodig
  • Zelfs ‘40.000 – 60.000 stemmers’ is al genoeg
     
    Omdat:
     
  • lage posities weinig stemmen vereisen
  • stemmen zich concentreren op bekende nummers
  • rangschikking relatief is (geen minimum per plaats)
     
    Intuïtieve samenvatting
     
    Denk er zo over:
     

Voor plaats 1 heb je duizenden stemmen nodig
Voor plaats 1000 heb je er misschien maar 10 nodig
 
Daardoor kan een lijst van 1000 nummers bestaan met verrassend weinig totale input.
 
Blijkt dat( Azaire ook thuis is in de grafiekkunst en hij stelt voor: “Als je wil, kan ik dit nog realistischer maken met een “echte” verdelingscurve (zoals Zipf/Pareto) en tonen hoeveel nummers effectief maar <10 stemmen krijgen—dat is vaak onthullend.”

We pleujen niet en laten hem dan maar wat uit zijn hoed toveren. “OK maak dit nog realistischer met Zipf/Pareto curves”

Hier is het cumulatieve overzicht van de stemmen in onze simulatie van de top 1000 volgens een Zipf-verdeling:

🔹 Cumulatieve verdeling van stemmen

Rang            Cumulatief % van stemmen
Top 10          39,1 %                  
Top 100        69,3 %                  
Top 500        90,7 %                  
Rest (501–1000)9,3 %                    
 
Wat dit laat zien
 
  1. Top 10 krijgt al bijna 40 % van alle stemmen → verklaart waarom klassiekers zoals Pink Floyd en Queen zo dominant zijn.
  2. Top 100 verzamelt bijna 70 % van de stemmen → de meeste populaire nummers zitten hier.
  3. Onderste 500 nummers krijgen minder dan 10 % van de stemmen → weinig competitie, weinig stemmen nodig om te rangschikken.
  4. Zipf-effect: een klein aantal toppers “absorbeert” het grootste deel van de stemmen, terwijl een lange staart van nummers amper stemmen krijgt.

Dit maakt duidelijk dat zelfs met maximaal 3 stemmen per persoon een stabiele top 1000 kan ontstaan, en dat een kleine kern van iconische artiesten bijna automatisch hoog eindigt.

Als je wilt, kan ik nog een visuele markering van typische artiesten zoals Pink Floyd en Queen in deze curve toevoegen, zodat je visueel ziet hoeveel stemmen hun nummers domineren. Wil je dat

Ik onderneem een laatste poging en stel: “Toch klopt het niet, omdat je weglaat dat de rangschikking uniek moet zijn.  Jij stelt dat je voor de onderste 500 nummers minder dan 10 procent van de stemmen nodig hebt. Statistisch heb je minstens 45050 stemmen nodig om tot een unieke rangschikking te komen, waarbij elk nummer 1 stem meer heeft dan het vorige nummer. Wat is je mening?”

Hier is de simulatie van een top 1000-lijst met unieke rangschikking door tie-breaking toe te passen:
 

  1. Unieke rangschikking: elk nummer heeft nu een unieke positie dankzij een kleine tie-breaking factor.
  2. Topnummers blijven dominant**: de top 10 ontvangt duizenden stemmen, waardoor hun rang stabiel is.
  3. Staartnummers: de onderste 500 nummers hebben zeer vergelijkbare stemmen, maar nog steeds uniek door kleine random verschuivingen.
  4. Praktisch effect: dit is waarschijnlijk hoe Classics 1000 de onderste nummers rangschikt — de absolute verschillen zijn klein, maar elke positie is uniek.
     


Dertig jaar: Digitale Regio Aalst vzw

dagblog Posted on 13 feb, 2026 00:08

Het is 16 jaar geleden dat onze eerste blogpost verscheen over Aalst carnaval. Als vliegende reporter van DRA, Digitale Regio Aalst, bleven we dit jarenlang doen.  Tijd om terug te blikken op DRA zelf, want wat blijkt? 

We zijn aan het dertigjarig jubileum bezig. Hoe mooi en knap is het dat een vereniging na dertig jaar nog steeds bestaat, wetende dat in de loop der jaren alle stichtende leden op een of ander ogenblik het schip hebben verlaten.  Bon DRA is in goede handen zo blijkt, en actiever dan ooit.

Vandaag blikken we terug naar die eerste dagen, toen er met geen woord werd gerept over carnaval.  Het idee om DRA op te richten had alles te maken met het Internet.  Op het Aalsterse stadhuis kon men het woord amper uitspreken, laat staan dat er aandacht aan werd besteed. 

1995 de prehistorie

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is DigitaalDendermonde.jpg

‘Het dorp’ Dendermonde, de ludieke aartsvijand van ‘de stad’ Aalst was in 1995, zeg maar in de oertijd plots aanwezig op het net.  Een van de bestuursleden van de Flemish Computerclub, werkzaam bij kabelvreter RTT had het licht gezien, en ontwierp vakkundig enkele pagina’s met culturele info over de Beiaardstad. Voor alle duidelijkheid, dit was geen officiële webstek van de stad maar het werk werd geapprecieerd.

Gijzegemmenaar Norbert Van Cauter, toen alom gekend van zijn radioprogramma’s op Radio Hofstade, we naderen en komen al dichter bij Aalst, kon moeilijk verteren dat Dendermonde hier de kaas afsnoepte van de keizerlijke stede. 

In eerste instantie wrochtte hij zelf een website (titan.glo.be/~norbert) in elkaar met gratis van het web geplukte software, en maakte via zijn radioprogramma genoeg reclame om de Aalstenaars naar het web te lokken.

Het internet en vooral de toegang tot dit wereldwijde web was mogelijk geworden via een gratis diskette die gevoegd was bij P-Magazine, of heette dat toen nog niet zo (De nieuwe Panorama kan het ook nog geweest zijn). De stad Antwerpen was op 4 mei 1995, een jaar eerder dus,  gestart met een webstek over de Digtale Metropool Antwerpen, afgekort DMA.  Het lag in hun bedoeling  om alle inwoners en ook diegenen daarbuiten gratis toegang te geven tot het net.  Iedereen kon een webstek aanmaken als ‘bewoner’ van DMA. De websteks rezen als gevolg daarvan als paddestoelen uit de grond.  Wij registreerden ons als http://www.dma.be/p/bewoner/aalst en bouwden een Engelstalige site uit met als doel de buitenlandse toerist naar de ajuinenstad te lokken.

Binnen de kortste keren vonden enkele gelijkgestemde Aalsterse zielen elkaar en werd er vergaderd. Bij die eerste bijeenkomsten zaten rond de tafel:  Eddy De Saedeleer, Alain en Marc Buyle (nog een ex-dj) en initiatiefnemer Norbert Van Cauter.

1996: erkenning gezocht bij de stad Aalst.

Binnen de kortste sleutelden Eddy en nieuwkomer Sven Delmoitier, samen met Andre Reynier aan een verbeterde versie van de webstek.

Er werd deelgenomen aan de vergaderingen van de Culturele Raad van de stad Aalst, sectie Culturele Animatie en Toerisme.  Hiervan getuigen enkele verslagen uit 1996, nu dertig jaar geleden.  De plannen om Aalst op het internet te promoten werden voor het eerst toegelicht op de vergadering van 15 april 1996. 

Punt 5 van het verslag meldt o.a. dat: “Door de impuls van de vorige vergadering, de snelle contacten met de schepen voor toerisme (noot: Gracienne Van Nieuwenborgh) en haar onmiddellijke toestemming is men dadelijk van start kunnen gaan.  Door de belangeloze inzet van drie mensen: Norbert Van Cauter, Andre Reynier en Eddy De Saedeleer is op korte tijd enorm werk gepresteerd zodat sedert zaterdag 13/4 Aalst op internet vertegenwoordigd is met culturele en toeristische informatie….” 

Dat de initiatiefnemers de zaken ernstig namen blijkt uit de volgende passages uit enkele daaropvolgende verslagen.

In het verslag van de vergadering van 4 juni 1996 lezen we: onder punt 4: “De heren N. Van Cauter en E. de Saedeleer geven toelichting over de evolutie van hun werk i.v.m. de bekendmaking van Aalst via INTERNET.  De pagina’s bevatten reeds een samenvatting van de geschiedenis van Aalst, gegevens over bekende personen, aangepaste nota’s betreffende gebeurtenissen, sommige van deze pagina’s zijn ook in het Engels te bekomen.

Men betreurt het zich afzijdig houden van het stadsbestuur van Aalst. De vraag wordt gesteld of de stad niet kan tussenkomen in de onkosten die voortvloeien uit deze activiteit.” Er wordt verder nog op vraag van enkele leden gevraagd om over dit gegeven een brief te sturen aan het C.B.S.

Op 24 juni 1996 te 11 uur wordt samengezeten met schepen Gracienne Van Nieuwenborgh toenmalig schepen voor Cultuur en Toerisme.

Besluit: op dat ogenblik lijkt alles in de goede richting te verlopen; toch was dat maar schijn.

In het verslag van de vergadering van 10 september van de Culturele raad van de stad Aalst, sectie Culturele Animatie en Toerisme wordt naar aanleiding van het uitgebrachte verslag door N. Van Cauter ‘verbazing en ongeloof’ uitgedrukt over het standpunt van de stad in deze zaak. Men begrijpt niet dat de Stad het belang van deze mogelijkheden niet volledig wil inzien en daaraan wil meewerken.     

Wat was er aan de hand? Zag men het niet meer zitten dat enkele particulieren Aalst wilden promoten via digitale weg?  Kortom werden de initiatiefnemers eerder als een luis in de pels ervaren?

1996: De geboorte van Digitale Regio Aalst vzw

Er werd besloten om een en ander te professionaliseren.

In een onbewaakt ogenblik, ergens te Gijzegem, werd besloten een vzw op te richten. Daartoe kwamen Norbert Van Cauter, de broers Alain en Mark Buyle (nog een ex-dj), Eddy De Saedeleer samen Wij zouden het anders en nog veel beter aanpakken.  De vzw Digitale Regio Aalst was weldra een feit. Er werd niet ver gezocht naar een naam, en de analogie met Digitale Metropool Antwerpen lag voor de hand.  Bovendien bekte DRA goed. Op 27 november 1996 werd de vzw gesticht.

Volgens haar statuten zou ze de Aalsterse regio promoten in alle mogelijke vormen.  Het hoeft geen betoog dat de activiteiten van Digitale Regio Aalst vanaf dan nog scherper in het oog werden gehouden.  Uiteindelijk, schoot het een tijdje later helemaal in het verkeerde keelgat van enkele Aalsterse stadbestuurders.

1997: DRA in woelig water. 

Op 7 april 1997 stuurde de stad bij monde van de Burgemeester een schrijven naar de voorzitter van de vzw over het plaatsen van culturele en toeristische informatie over Aalst op Internet.

De brief was een reactie op de vraag van DRA om medewerking van de stad. Lees mee: “…. Het ligt voor de hand dat alle initiatieven die tot doel hebben de stad Aalst wereldwijd te promoten op de eventuele steun van het stadsbestuur kunnen rekenen op voorwaarde dat ze vakkundig worden uitgevoerd.” 

En precies in het staartje van de bewuste paragraaf stak het venijn, want men vond dat” “… de teksten die u op Internet heeft geplaatst zowel tal van inhoudelijke als grove spelfouten bevatten.”

En dat omdat het officiële logo van de stad en verwijzingen naar toeristische brochures werden gebruikt achtte de stad zich verantwoordelijk.

Er werd vriendelijk gevraagd om de teksten te laten verifiëren door de diensten Cultuur en Toerisme, en er werd gedreigd tot het verbieden van het gebruik van het officiële wapenschild.   

Oei… werk aan de winkel. In een op 22 april  opgesteld antwoord wordt aangegeven dat men graag ingaat op de suggestie van de stad, en dat de bewuste foute pagina’s werden opgefrist en gecorrigeerd. Verder werd de stad gesuggereerd ‘dat het de herkenbaarheid van de stad zou onderstrepen mocht Digitale Regio Aalst onder de naam www.aalst.be worden gepresenteerd.’ De brief werd besloten met de vraag de vzw te contacteren om verdere afspraken te maken.

Van het daaropvolgend onderhoud met de burgemeester herinnert de toenmalig voorzitter, Norbert zich dat hem gevraagd werd naar het bureel van burgemeester Anny De Maght te komen waar hem, naast ontvangst met een kopje koffie, flink de levieten werden gelezen: “dat  ik me iets toe-eigende dat totaal verboden was ,Aalst zonder toestemming van haar en de stadsdiensten op het internet plaatsen, en dat AALST een eigen naam was die ik niet zo maar kon gebruiken,”

De voorzitter schetst daaropvolgend, niet uit zijn lood geslagen, de historiek van de webstek, hierbij verwijzend naar o.a. Dendermonde.
Zij begreep het, maar vond toch dat de stad het heft zelf in handen moest nemen. En dat DRA haar website binnen de 24 uur diende offline te halen, omdat de naam Aalst onrechtmatig was gebruikt.

Aldus sneuvelde de eerste versie van de website, maar…. er werd zeer snel een nieuwe site met een nieuwe naam op het net gezet.

Eddy De Sadeleer kreeg het lumineuze idee, om indien we toch de naam AALST niet mochten gebruiken, we beter een andere naam konden verzinnen die duidelijk aan zou geven wie we waren en wat we wilden tonen. Digit@alst werd het, en zo stond enkele dagen later de website weer online.

In de periode die volgde begon de stad inderdaad stappen te ondernemen om zelf aanwezig te zijn op het Internet.

De naam www.aalst.be werd op 17 april 1997 geregistreerd bij DNS, ten einde zich veilig te stellen tegen ‘kapers op de kust.’

DRA volgde via de Cultuurraad met argusogen deze stap, waarna snel bleek dat men voorlopig de web aanwezigheid niet zelf op poten zou zetten, maar integendeel zou uitbesteden, via uitschrijven van een offerte.Om kort te gaan de stad wou aanwezig zijn op het net maar had nog steeds geen kennis in huis.  Naderhand zouden ze dan wel zien hoe het liep… toch wel amateuristisch mag gezegd worden.  Behalve dan dat ene puntje waar DRA niet had op gerekend.  Vzw’s werden gewoonweg geweigerd bij het indienen van de offertes, omwille van ‘het niet professioneel genoeg zijn’.  Een computerverkoper met winkel op de Parklaan mocht aan de slag, en kreeg hiervoor een ruim toegemeten bedrag.

Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is drafeb98_2.jpeg

Het resultaat was dat deze keer een en ander in het verkeerde keelgat schoot bij de bestuursleden van DRA vzw.  Dit konden we niet laten passeren en binnen de kortste keren, nog voor Aalst carnaval (sic) werd een persconferentie in Rollerland aan de Tragel belegd, waar we onze grieven over de oneerlijke behandeling door het stadsbestuur op tafel gooiden.  Uiteraard  haalden we de lokale pers want een 40-tal personen, waaronder journalisten, woonden deze persconferentie bij. De volgende stonden de kranten vol met lovende artikels. Lees we hadden onszelf plots echt op de kaart gezet.

Enkele persmannen suggereerden om de stad gewoon te negeren, en zelf ‘ons ding te doen’. Op een volgende vergadering werd beslist om ons toe te spitsen op activiteiten, en het idee om enkel een promotionele webstek voor de stad uit te bouwen te verlaten.

De eerste activiteit die zich aandiende: Aalst carnaval.  De toekomst van DRA lag open. We zouden Aalst eens laten zien wat we in onze mars hadden:  Carnval filmen, van commentaar voorzien, en dit streamen naar de ganse wereld.  Iedere uitgeweken Aalstenaar laten meegenieten van toch wel het top evenement van het jaar.

Er werd in zee gegaan met provider Interline uit Herzele die internet toegang aanbood via IBM, de grootste hard- en softwaregigant ter wereld.

Voor de allereeste ‘uitzending’ van DRA werd een eerste schuchtere poging vond ondernomen vanaf de bovenverdieping van een appartement in de Koolstraat van waaruit we de stoet recht op ons af zagen komen uit de richting Klein Parksken.

We waren gelanceerd.  Sterker nog we werden geapprecieerd door een deel van de bevolking, die het urenlang langs het parcours staan niet echt meer zagen zitten, omwille van pakweg de leeftijd.

Waren we in het begin nog afhankelijk van de kwaliteit van het indertijd nog vrij trage internet, dankzij goede relaties met de RTT/Belgacom konden we beschikken over grote upload capaciteit dan wat doorsnee werd aangeboden:  Kwaliteit waarover onze concurrenten, en die waren er, niet beschikten.  En…. de stad liet begaan.

Na de Koolstraat werd uitgekeken naar nog betere locaties, en die werden gevonden op het Stationsplein, eerst vanuit Hotel de la Gare en later vanuit Cafe Stad Brussel.

Via lokale sponsoring, want een vzw, verkoopt geen eieren, kon jaar na jaar het opname materiaal verbeterd worden.  Betere geluidsversterking en microfoons en vooral betere camera’s werden eerst gehuurd, en later gekocht. Vanaf 2001 kon men elk jaar terecht op de eigen webstek van DRA www.digitaleregioalst.be

Enkele beslissingen die werden genomen op de algemene vergadering in 2005,  hielden in dat de website tegen editie de 2006 editie van carnaval zou vernieuwd worden. Contacten werden gelegd met Belgacom, kanaal 3 , Citymusic en een rist sponsors.  Er zou een scenario gemaakt worden voor de eerste Cinemajoin DVD.

DRA vzw breidde het bestuur uit met nieuwe leden waaronder Dimitri Van Hove en Jan Wageman. Door het vertrek naar het buitenland, om persoonlijke redenen, van voorzitter Norbert, werd de fakkel overgenomen door Alain, tot die op zijn beurt werd opgevolgd door huidig voorzitter Dimitri.

De projecten van DRA mochten er zijn en dat bleek vooral een paar jaar na de opstart toen een Aalsterse cinemazaal volliep voor de eerste Cinema Ajoin DVD, een gedreven project dat werd gestart door filmer Jan.

In tegenstelling tot andere filmers van het Aalsterse cartanavalgebeuren die vooral documentaires over Carnaval produceerden, was het opzet van DRA een film over Carnaval te maken waarbij de nadruk lag op humor en vooral op het tonen van wat Caranaval echt is.  We weten met zijn allen dat  Aalst jarenlang door onze nationale TV zenders stiefmoederlijk werd behandeld. Vaak toonden zij enkel  Aalst Carnval op zijn ‘smalst’, door beelden te tonen van enkele vettige volgezopen ‘deelnemers aan Carnaval’ en die het woord te verlenen. Een TV uitzending waarin een prinsenverkiezing werd gevolgd, en de verliezers het hoogste woord kregen, kon niet echt goed genoemd worden voor het imago imago van Carnaval.

De staande ovatie na de vertoning van Cinema Ajoin in de bioscoop, in het jaar van Tommeken, zindert nog na bij wie er bij was.

Het team was, en dat mag gezegd,  toen al behoorlijk uitgebreid, met gasten die wisten hoe je een camera moest bedienen, gasten die pertinente vragen aan de carnavalisten stelden.  De prinsenverkiezing, volgen van kandidaten, prijsuitreiking, de winterfoor, alles kwam aan bod.

Na de eerste woelige jaren.

DRA hield zich bezig met de streaming van Carnaval, het filmen en op DVD uitbrengen van Cinema Ajoin.  Het inrichten van computerbeurzen, het opzetten van een Internet radio. Filmen van prinsenverkiezingen, resultaten, enz…

Dat de verhouding met de stad Aalst uiteindelijk goed kwam kan alleen maar toegejuigd worden.

Al wie in die dertig jaar mee zijn steentje heeft bijgedragen mag zich gelukkig prijzen, zeker nu we gevierd worden in de carnavalstoet 2026.

We duimen nu al voor een eerste plaats van Middelgrote Groep Drasj die dit jubileum uitgebreid in de verf zet.

We wensen het huidige bestuur van Digitale Regio Aalst alle succes toe. Bedankt Dimitri, Pascal en Guy om het werk van de internetpioniers van het eerste uur verder te zetten.

Voor meer info: www.oilsjt.be of www.digitaleregioaalst.be



Lijsternest: Oldies but still Goldies

Het Lijsternest Posted on 31 jan, 2026 12:38

Ook in 2025 bleven Oldies Goldies.

Tijd om terug te blikken naar 2025. We staan stil bij de aanwinst op vlak van vinyl en cd, concerten en een serie aangekochte boeken. Bij ons is de eepee helemaal terug.

Een woordje over eepee’s waarvan voor het eerst een lijstje.
De jeugd zal niet meer weten wat een eepee precies is, en als ze het woord al kennen er vermoedelijk een verkeerde voorstelling van hebben. Bands hebben tegenwoordig de mond vol over een eepee wanneer ze een lp uitbrengen met amper een paar nummers erop. Zeg maar een mini-lp

De echte eepee kende haar hoogtepunt in de eerste helft van de jaren zestig. Ze had het formaat van een single, 45 toerenplaat, gestoken in een hoes die er als een LP hoes uitzag. Bij ons bedroeg de prijs 99 frank, een single koste een derde minder, nl 66 frank. Voor een LP hoestte je 256 frank op.
Vooral in Engeland, en ook wel bij ons verschenen singletjes vaak zonder fotohoes, in een gewoon label hoesje. Mijn eerste singletjes, Yellow Submarine, Yesterday, Snoopy VS the Red Baron waren allemaal zo aangekleed. Een eepee stak in een kartonnen hoesje en was voorzien van foto.
Dient nog gezegd dat eepeetjes vnl een Brits en Frans fenomeen waren. Platenfirma’s mikten op de geldbeugel van jongeren die net niet genoeg cash hadden om lp’s te kopen en toch iets meer wensenden de laatste single van hun groep, of mikten op de extra nummers, die vaak niet op single werden uitgebracht. De Long tall sally eepee van de Beatles is hiervan een mooi voorbeeld. Bij ons bracht Will Tura rond kerstmis ooit een eepeetje uit, maar zoals hierbovenreeds gezegd was het eerder een Frans en Waals fenomeen. Marcel Amont, Adamo, Francoise Hardy, Sheila je vindt ze nog vaak in de Kringwinkel in de Brusselse regio.
Naderhand werden dit gegeerde stukken bij Britse verzamelaars die het jarenlang zonder fotoboeken hadden moeten stellen.

Tot eind 66 waren lp’s vaak verzamelingen van liedjes opgebouwd rond een of twee hitsingles. Vanaf 67 veranderde dit, en werd de LP eerder een kunstig geheel. Denk maar aan Pepper of Pet Sounds. Rond die zelfde tijd verdween het eepee fenomeen naar de achtergrond. De Beatles brachten nog Magical Mystery Tour uit, een dubbel eepee, wat niet echt klopte, want op beide plaatjes stonden maar drie nummers in plaats van vier.

Oldies but Goldies.
Net als vorige jaren richten we ons op eigen aankopen, vaak kringwinkelende passages, op zoek naar die ene lp van James Last, die gewoon onvindbaar blijft. En opnieuw moeten we schrjven dat het een jaar werd, waarin oud onuitgebracht Beatles materiaal het licht zag.
McCartney zit nooit stil, en bracht nog maar een overzicht uit van zijn Wings carriere. Straffer is dat na 30 jaar uiteindelijk een vierde Anthologie het licht ziet.

Enkele andere ‘oudjes’ die van jetje bleven geven in 2025, waren Neil Young, John Fogerty, Robert Plant, Pink Floyd, P.P. Arnold en bij ons Jan De Wilde en Lieven Tavernier.
Artiesten die nog vaak live te bewonderen zijn in onze contreien, ook al kloppen ze op de deur van 80.

Concerten:
Fogerty dook terug op in het Sportpaleis, oftewel de ‘Afwas’ dome in Antwerpen. Het samenspel met zijn zonen verbeterde nog. Ook CCR en de Giolliwogs waren in feite al familie aangelegenheden. Meer dan ooit brengt hij zijn verleden tot leven. Hij geniet steeds meer van zijn oeuvre dat hij een aantal jaren links moest laten liggen. Resultaat op enkele songs uit zijn solocarrière na was dit een echte revival. Neil Young deed het Paleizenplein aan op een snikhete dag. Op de kasseien op het plein kon je eieren bakken. De songs waren gewoon goed. De organisatie had beter gekund. Wie haalt het in zijn hoofd om op een rechthoekig stuk een golden circle in te voeren? Men had gewoon het terrein in twee geknipt en dat was bijzonder onaangenaam voor wie niet over een giolden circle ticket beschikte. Wij gelukkig wel, en konden nagenoeg frontstage genieten van Young. Het voorprogramma, twee Fransozen, die het goed menen met de natuur, waren te pruimen, maar het had beter gekund.
Bij ons zeer genoten van Little Kim die met Lieven Tavernier aan kwam zetten in het Leedse Koning Ezel. We zagen de zangeres al eerder aan het werk als leadzangeres bij Kadril. Aangenaam om Jan De Wilde nog en keer te zien stuntelen, al!moet gezegd dat hij nog niets heeft ingeboet aan stemkwaliteit. Hij mag nog gerust wat doorgaan.


Robert Plant niet gezien dit jaar, maar genoten van zijn laatste CD worp waar hij zich omringt met uitstekende muzikanten. Het is pijnlijk denken, maar waarom!liet Page al die jaren zomaar schieten?

Het Amberteam was na haar jubileum jaar toe aan een jaar van rust. Helaas verloren we op korte tijd twee leden. Voorzitter en zanger Dirk De Schepper van Isopoda verloor een ongewilde strijd, en schitterend medewerker Erwin, Staaf, werd al te plots weggerukt uit dit leven. Wat zal de toekomst nog brengen voor het Amerteam?

Wij leven in een omgeving waar op diverse lokaties tijdens zomerse avonden genoten kan worden van de beste muziek, en dat zelfs gratis, of het moet zijn dat er met de hoed wordt rondgegaan. Dit jaar te weinig meegepikt van de lokale optredens. Toch een positieve handicap! Voor Kathleen VandenHout.

Boeken niet gerangschikt.

Gewoon omdat dit weinig zin heeft. Eindelijk nog eens een boek uit mijn jeugd kunnen kopen dankzij een welwillend verkoopster in Nederland. Witchglizz van James Leo Herlichy. Een boek over het aquiarius tijdperk. Staaf had het ook ooit gelezen. Jammer dat we er niet meer kunnen over napraten. Herlichy werd niet bekend door dit boek, maar wel!door een eerder verschenen boek Over een Midnight Cowboy.

In 2025 werd gestart met Eddy’s jukebox.

Zonder een opsomming te geven van de talrijke 45 toeren aanwinsten toch aandacht voor deze oude belgen, en een Canadees uitgegeven in Belgie alweer toegevoegd aan onze al te omvangrijke collectie.

Geniet mee van het lijsternest van 2025

Het lijsternest.



Need never get old

dagblog Posted on 06 jan, 2025 13:30

2024 zit er op, en de lijstjes zijn samengesteld.  Tijd dus om een en ander toe te lichten. We staan stil bij de aanwinst op vlak van vinyl en cd, concerten en een serie aangekochte boeken. Uiteraard komt hier niet alles aan bod. Pakweg ‘Dua Lipa’ en ‘Taylor Swift’ zal u hier niet vinden, ook al kocht ik iets van hen om “te ontdekken”, zoals dat heet.  Alles moet kunnen.  Het was een jaar waarin toch weer heel wat Beatles materiaal het licht zag.  Dat mag zeker gezegd van ‘One hand Clapping’, de opnames van ‘Paul McCartney’ met zijn nieuwe Wingsversie na de opnames van Band on the Run.    Band on the Run was nagenoeg een soloplaat met hulp van ‘Linda Eastman ‘en ‘Denny Laine’.  McCartney wou de hort op en de nummers live brengen en dus stelde hij een nieuwe band samen. One hand Clapping is de weergave van de studiorepetities met die nieuwe band.  Naast de CD werd recent op TV ook het beeldverhaal getoond. Toch voor een groot stuk een openbaring waarin we zien, dat Linda wel degelijk speelt, en niet zoals zo vaak werd gesuggereerd er maar voor spek en bonen bijzat.  Je zou kunnen stellen dat McCartney haar nu probeert te geven wat waar toen werd onthouden.  Al bij al blijkt uit deze CD dat ‘Wings’ veel mer was dan een hobbybandje. ‘Sean Lennon,’ Lennon’s jongste zoon en Yoko zorgden voor een heruitgave van ‘Mindgames’ in verschillende versies.  Gaande van een heruitgave van de originele opgekalafaterde CD tot een ware houten box met een pak dingen waarop niemand zat te wachten.  Een luxepakket dat ooit op veilingen hoog zal scoren, dat mag u geweten hebben.  Wij kozen voor de eenvoudige CD met extra CD waarop voldoende demo’s. Overigens zat een vergelijkbare CD gratis bij een van de Britse muziekbladen.

Een ander toch wat onbegrijpelijke plaat die pas na 55 jaar het daglicht ziet zag is  de ‘Ten Years After’ opname van hun Woodstock concert.  Merkwaardig omdat steeds verteld werd dat door een onhandige technicus de opnames waren verknoeid, tenminste op de ‘I’m going home’ versie na. Niet dus en we krijgen nu het nagenoeg volledige concert.

Zowel de ‘Who’ als ‘Joe Bonamassa’ omringen zich met orkest, en voegden op die manier iets toe aan het doorsnee rockgeluid. ‘Roger The Engineer’ van de ‘Yardbirds’ wordt nog maar eens heruitgegeven in een betere mix en met enige extra’s. Een vruchtbaar jaar voor ons in onze zoektocht naar materiaal van ‘John McLaughlin’ al dan niet omringd door het ‘Mahavishnu Orchestra’.  In eigen land zeer genoten van de nieuwste van ‘Lieven Tavernier’:  ‘Sprokkelgoud’. Tavernier schitterde op de Gentse Feesten op het Luisterplein , zij het in een gedeeld optreden met ‘Kadril’, waarmee hij later nog de baan zou optrekken.

Wat livemuziek betreft pikten we twee grote concerten mee.  Wie had ooit kunnen dromen dat de ‘Creedence familie’ ergens in Zottegem in een wei zou aantreden. Vandaag omringt John Fogerty zich met zijn twee zonen.  En ook al was dit optreden voor ons een blij weerzien na het Antwerps concert van een jaar eerder, het blijft genieten.  De festivalsfeer speelde zeker mee.  In Fogerty’s voorprogramma kregen we ‘hardrocker’ ‘Helmut Lotti’. Mooi meegenomen, want enkel voor Lotti waren we thuisgebleven. Toegegeven, het is een gimmick, maar wel gebracht door een professional, en het publiek lustte er pap van.  In het najaar togen we naar Antwerpen om er ‘Zeppelin’s Robert Plant’ aan het werk te zien.  De jonge god, is veranderd in een gewaardeerde entertainer.  “Ik ben geen jukebox”, liet hij ooit weten aan al wie hoopt op ‘de reunie’.  Een reunie die er nooit zal komen. En Plant neem je of neem je niet. Zonder enige twijfel een van de  beste en grootste artiesten van deze tijd.  Ook deze keer liet hij zich vergezellen van topmuzikanten en een topzangeres, waarmee hij bekende en eigen nummers van een ongekende frisheid voorzag.   

Het Amberteam was toe aan een jubileum. Het team is nu al tien jaar in de weer met de organisatie van bijeenkomsten waar aan de ‘oude’ gasten van het cafe en staalkaart van lokale muziek wordt geboden, afgewisseld met het beste wat in de jaren zeventig op de draaitafels belandde.  Deze keer bracht ‘de Ferre’ een keuze van zijn platen uit zijn Ambertijd.  Nadien werden we vergast op een spetterend optreden van ‘Dizzy Fingers’, de band waarin ex-Irish Coffee gitarist ‘Luc De Clus’ mocht schitteren, naast de twee Franky’s.  Wie er niet bij was had alweer meer dan ongelijk.

Wij leven in een omgeving waar op diverse lokaties tijdens zomerse avonden genoten kan worden van de beste muziek, en dat zelfs gratis, of het moet zijn dat er met de hoed wordt rondgegaan.  Zoals bij het optreden van ‘Roland’ met ‘Nils Decaster & Sarah De Smedt’ in Klein Zwitserland. Puur genieten.  Twee lokale Oost-Vlaamse bandjes, ‘Chez Kit’ en ‘Atmid’,  eindigden met krak hetzelfde bisnummer van  ‘Nathaniel Rateliff & the Sweats’: ‘I need never get old’.

Terzelfdertijd de beste CD single die we dit jaar kochten, precies dit nummer in de versie van Chez Kit, opgenomen in Herzele.  Meer dan vermeldenswaard was zeker de avond in het Aalsterse Stadspark waar ‘Alex Agnew en de Moonlovers’ aantraden. De begeleidingsband bracht eerst onder eigen naam een waar tribute aan ‘George Harrison’, waarbij doorheen Harrison’s volledige  ouevre werd gestruind: ‘Beatles’, solo, ‘Traveling Wilburys’. Wat Agnew nadien zelf bracht was van de bovenste plank.  Wij hebben de ‘Doors’ nooit live kunnen aanschouwen, en dit gaf ons zeker een idee van hoe het moet geweest zijn, waarvoor dank.  Dit moet u zeker ergens te lande zien, indien  nog mogelijk.

Boeken aangeschaft? Uiteraard en genoten van enkele werken over de blues.  Niet toevallig van twee lokale schrijvers dan nog: ‘Karel Bogaert’s Blues Lexicon’ en een zeer verhelderend boek van ‘Johan Op de Beeck: Blues Seks Moed en tegenspoed’.  Bij de keuze molenboeken eveneens twee lokale werken kunnen op de kop tikken.  Een standaarwerk over hondenmolens van het duo ‘Jan Delcour – John Verpaalen’. Een toelichtend werkje van ‘Benoit Delaere’ over molendeskundige ‘Alfred Ronsse’.  Dankzij een kringwinkel aan voordeelprijs het werk over zilveren molenbekers.  Ons bezoek aan het TIMS symposium in Portugal leverde dan weer een paar Griekse ‘onleesbare’ prachtige boeken over wind- en watermolens.

Blijven doorgaan: I need never get old….

Het lijsternest.



Vakantiejobs 1967-1970

dagblog Posted on 11 jul, 2024 23:09

Elk jaar opnieuw tijdens  de eerste dagen van juli, duiken herinneringen op aan vervlogen (school)vakanties, of gebeurtenissen die plaatsgrepen rond die tijd.

Half juni waren we er reeds vanaf, van de examens in het Koninklijk Atheneum van Aalst. Het was de laatste worsteling met die school. Afscheid van tal van nooit meer te missen leraars, en goeidedag aan die enkele die dat verdienden. De school waar het lerarenkorps bestond uit ‘de Zwing, de Slasch, de Vogel, de Spek, de Kiek’ enzovoort.  Nog eenmaal liep ik er binnen eind juni 1967, om er een getuigschrift af te halen.  Daarna nooit meer en dat is nu toch al 57 jaar.  Het KAA staat dan ook op de allerlaatste plaats van de scholen die ik frequenteerde.

In 1967, net vijftien geworden,  zetten we onze eerste stappen in een wereld waarin werken van 8 tot 6 de norm was.  Het kwam al eerder aan bod, het feit dat we in 1967 voor het eerst kennis maakten met ‘hard labeur’.  Ik mag zeggen dat wij het werk, en vnl de eentonigheid ervan zwaar hadden onderschat.

De meeste jongens van onze leeftijd vonden het nuttig vakantiewerk te doen. Het hoorde zo.  In de velden zag je ze bezig, gebukt, gebukt onder de hete zon, bezig met het oculeren van rozen. Niet ons kopje thee en bovendien verdiende je er amper 8 of 9 frank per uur.   Via Marcel, toen zeventien en al enkele jaren werkzaam in de meubelindustrie vernamen we dat er bij ‘Meubelfabriek Paul De Neve’ op de Gentse Steenweg, altijd werkstudenten aan de slag waren, en nu was er nog niemand begonnen.  Als vijftienjarige kreeg je zelfs 20 frank per uur. Wie een jaar jonger was moest zich tevreden stellen met 15 frank. We namen de job aan en hielden het precies drie en een halve dag vol. Aan ons zou geen meubelmaker verloren gaan, noch een handige kasten polierder.   

Die bewuste maandagochtend in juli werden wij ingezet naast onze buurjongen, die er lustig op los hamerde en nagels moeiteloos het hout indreef. Wij werden verondersteld te zorgen voor de “verfijnde” afwerking van de meubelplaten. Eerste vaststelling, hier werd niet gewerkt met volhouten panelen, maar met op velzelplaat gelijmde bovenplaten. Langs de zijkanten werden daar dan afgeronde moluren op ‘geschoten’.  De ingeschoten nageltjes zonder kop, hingen een eind diep de moluren in.  En precies die gaatjes mochten wij met mastiek, stopverf, opvullen.  Volgens de inspectie van de ploegbaas kon dat veel beter, en mochten we het nog eens overdoen.  De realiteit was dat wij te snel wekten, en er niet direct een andere bezigheid voorhanden was. Kortom hij wou af van ons.

De tweede dag belanden we dan ook in het ‘spuitkot’.  Gelukkig aan het andere eind van de ruimte waar de ‘spuitgast’ het pistool hanteerde om er  elke binnengebrachte plank of meubelstuk  te benevelen.  Na een eerste vernislaag belanden de behandelde vlakke stukken en kastjes  bij ons. Onze taak bestond er in om deze opnieuw helemaal mat te polieren met een stuk schuurpapier, zodanig dat elk spuitbobbeltje werd weggewerkt, en ze opnieuw naar de spuitgast konden die er een finale laag opzette.

Een paar ‘oudere ratten’ in hdet vak mochten de meer hoekige poten en andere moeilijker  materiaal schuren.   De twee wisselden geen gebenedeit woord.  Misschien was het aangewezen dat ze hun mond dicht hielden, gezien de vermoedelijk minder onschuldig dampen waar zij dichter bij stinden dan wij.

 Stoelen werden niet ter plekke gemaakt,  die werden geleverd door een Mechelse meubelmaker.  Een van die gasten zag ik nadien nog jarenlang thuis voorbijfietsen, iets na zes uur ’s avonds, op weg naar huis. Ik heb nog vaak gerild bij de gedachte dat die man daar doodgewoon zijn leven weg schuurde bij PDN.  Het enige grappige aan het stel was, voor ons dan toch, was dat hij en zijn compaan die veel kleiner was een oerkomisch gezicht vormden wanneer ze door de werkplaats stapten met alweer een afgeschuurde kast die ze tussen hen in droegen,  alsof het een schuifaf was.

We hadden recht op korte pauzes om wat te verluchten, een middagpauze om de boterhammen te verorberen. Ogenblikken waarop de spuitgast hele flessen melk soldaat maakte. Iets waar hij recht op had om zijn ‘gezondheid’ op peil te houden. 

De meegebrachte boterhammen aten we buiten achter het gebouw waar hout gestapeld lag. Binnen de kortste keer kwamen er enkele konijnen uit de achterliggende velden af op  de korsten van de boterhammen van Duimpje. Duimpje, nogal klein en geblokt van gestalte, hapte slechts het kruim weg uit zijn boterhammen. Het bleek al snel dat hij het mikpunt was van de bende. Zeker nadat ze hem een keer hadden betrapt op de niet afgesloten wc terwijl hij, nu ja, vul maar in, bezig was.  Typische arbeiderslol die hun dag moest verlichten, al zal Duimpje er wel ongemerkt onder geleden hebben.  Het was daar tijdens een van die boterhammenlunches dat we afspraken om enkele weken later tijdens de conge naar Hofstade Bad (bij Mechelen) te fietsen. Andre en Marcel kenden de weg.

De rest van onze twee weken durende job leek geregeld: van de ochtend tot de avond, met een blokje schuurpapier, planken schuren  waarmee uiteindelijk kastjes, tafels, enz. werden geconstrueerd.  Afstompend mag redelijkerwijze worden aangenomen, tenminste dat vonden wij toch. Buiten scheen de zon, en lonkte de vrijheid.  Wij voelden ons als slaven op een galeischip.  PDN snapte het niet echt toen we die donderdagmiddag stelden dat we het wel gezien hadden.  Hij dacht nog even dat het voor die dag was, bekeek ons en zei dat we op het einde van de “quinzaine” om ons “pree” mochten komen.

Drie en een halve dag proeven van het arbeidersbestaan was ruim voldoende om ons te laten verder studeren. In die tijd zweefde nog  het zwaard van Damocles boven de hoofden van schoolmoe geworden kinderen.  Wie niet wilde studeren kon naar de fabriek op zijn veertiende. In die dagen bestond in gemeentescholen nog een zevende en achtste studiejaar. Wat er feitelijk op neerkwam dat men drie keer het zesde studiejaar afwerkte in afwachting van die “gelukzalige” veertiende verjaardag.  Ik heb er in ons zesde studiejaar nog zien ‘verdwijnen’ de dag dat ze veertien werden.  Of het een gelukkige verjaardag was?

De toenmalige fabriek van PDN  kan nog enkel bekeken worden op Made in Vlaanderen. Op de plek langs de Gentse Steenweg kan je nu naar de Delhaize. (*)

1968 sloegen we over, maar in 1969 togen we opnieuw aan de slag. Deze keer in de matrassen industrie. Bij Carlos deden we netjes onze veertien dagen uit.  Geld verdienen voor bandopnemers en gitaren. De werkzaamheden vielen er behoorlijk mee.  Het werk bestond voornamelijk uit het vullen van plastiek zakken met vlokken mousse. In de handel werd dit dan aan de man gebracht als vulsel voor kussenslopen.  De zolder lag vol met de meest kleurrijke vlokjes mousse, wel een meter hoog.  De vlokken werden beneden gekapt in een machine die hele schuimrubber blokken vrat.   

Aan het eind van de dag telde Carlos de plastiekzakken die we hadden gevuld, waarna hij een tevreden knikje gaf.  “Zet ze maar bij de rest”.  Vooral de eerste week zaten we  eenzaam en alleen op die zolder, enkel met een transistor radiootje waaruit Veronica schalde.  Elke dag zetten we onze voorraad zakken bij de rest.  Het kon al eens gebeuren, op een mindere dag, dat we eerst wat zakken uit de voorraad terughaalden, en bij onze die dag gevulde zakken zetten.  Of Carlos dat ooit gezien of geweten heeft, blijft een open vraag.  In elk geval tijdens de tweede week kregen we toch enkele andere taken voorgeschoteld.  Zo mocht ik, als oudste, aan een reuze borduurmachine de zijkanten van de matrassen stikken.  In die zijkanten vormde zich een patroon van het liggende cijfer  acht. Het was zaak om op tijd en stond een nieuwe bobijn te steken, maar dat lukte wel.  En er zorg voor te dragen dat geen dure naalden braken.

Een dagje kaarden op een kaardmolen door Carlos ‘ezel’ genoemd,  was andere koek, want dat was labeur, en bovendien niet erg appetijtelijk. 

Het was zaak om de ineengekoekte wol uit oude matrassen weer uit elkaar te trekken. Op de ‘ezel’ kon je achteraan  plaats nemen , pal achter het middenstuk dat bestond uit twee gebogen platen, beslagen met lange kromme scherpe haken.  Bij elke heen- en weer beweging grepen die haken als als tanden in elkaar, en trokken dedoor mij  toegevoegde wol uit elkaar.  Het was dus zaak het bovenste gebogen  deel van de kaardmolen ritmisch van voor naar achter en terug bewegen, via een houten spaak die er  aan was bevestigd, en niet te vergeten steeds weer nieuwe oude wol  te voeren aan de vreetmachine.   Na een werkdag voelde je je rug niet meer.

Ook hier was de leerschool, te beseffen dat verder studeren toch maar de beste optie was.Tussendoor vernamen we tijdens onze zolderactiviteit dat een nieuwe plaat van de Rolling Stones verscheen, en dat de net gedumpte oprichter, Brian Jones, verdonk in zijn zwembad.

De laatste werkdag mochten we mee met Gilbert, de in het zwart bijklussende postbeambte,   op levertocht ergens in de buurt van Willebroek.  Wat ons onderweg in Londerzeel in een baancafe, nog een pint opleverde.  Omdat de camion voorin maar twee zitplaatsen had mocht G.op de vloer zitten. Telkens we een combi tegenkwamen moest G., op bevel van Gilbert,  snel naar beneden duiken.

In die matrassen fabriek maakten we voor het eerst kennis met JIT. Just In Time werken was daar toen al de regel. Wanneer een klant belde om enkele matrassen te bestellen, hoorden we Carlos aan de telefoon zeggen: “ dat ze bbijna klaar waren,”  waarna hij naar Frieda en haar collega, de enige werkneemsters, stoof, en riep: “laat vallen wat valt, en zie dat tegen overmorgen matras zus en zo afgwerkt zijn.”   Een al bij al goede werkwijze want tot voor enkele jaren was het bedrijf nog altijd actief.

De volgende en laatste vakantiejob in september 1970 speelde zich dichter bij huis af.  Bij Angelus in de Dorpstraat

maakten ze in een hangar doodskisten en in een andere hangar werden lichte bakjes voor groenten en fruit geassembleerd.  Het was met die laatste bezigheid dat we ons twee weken ledig hielden. ‘Koppen leggen’ bijvoorbeeld.  Het koppen machine was in feite een mini lopende band, waar je met een man of vier aanstond en de onderdelen van een groentenkistje in de juiste volgorde legde waarna die met ijzerdraad aan elkaar werden gestikt.  Een van de vier legde de bovenste zijplank, een tweede legde het onderste wat bredere plankje, de derde mocht de beide hoekbalkjes leggen, en de man aan het einde van de band stikte het geheel aan elkaar met dunne ijzerdraad.  Gelukkig kon deze laatste man, overigens een van de bazen van de zaak, via een knop het zaakje stilleggen wanneer een van de leggers te veel, opschoof en onder zijn handen, en dus de stikkop, dreigde terecht te komen. Dat stilleggen gebeurde steevast begeleid door een half ingeslikte vloek. 

Wat had je gewild?  Wij, de groten, zeventien en  achtiten jarigen konden de  aanvulbakken met een flinke zwaai voor ons op de band zetten.  Filiberke die tussen ons in stond, pas veertien en net van de schoolbanken, slaagde daar slechts met veel moeite in. We hadden hem Filiberke gedoopt, gewoon omdat hij wel iets had van de stripfiguur uit de Jommekes boekjes.   Het ventje vroeg overigens om het kwartier hoe laat het wel al was, en wij kwelgeesten, deden daar ofwel telkens een kwartier bij of af, naargelang het voormiddag of namiddag was.  Elke onderbreking voor een boterham was dan ook een opluchting voor hem.  Ik heb nadien nooit geweten wat er van hem is geworden.

Buiten zat een Aalsterse jongen de zijplankjes door een drukpers te voeren. De zogenaamde stempelaar. De broer van de patron werkte in een aanpalende hangar waar bomen gevild werden. Een speciale machine ontrolde een boom tot een meterslang vel, dat nadien tot handige plankjes werd versneden.   

Aan een van de andere stikmachines stond een gestrande  Marrokaan.  De tweede die ooit in ons dorp arriveerde.  Staffa was een student,  gestrand in Aalst op weg naar Engeland.  Helemaal blut. Hij kreeg bij Angelus niet enkel  een job, maar ook logies, in afwachting van zijn terugreis naar Elmenzech, want in Engeland raken dat zat er voor dat jaar niet meer in. In de werkplaats had hij weinig contact met de andere arbeiders.  Dat kwam  gewoon omdat die de franse taal niet machtig waren.  Contacten vlotten wel  in het vlakbij gelegen jeugdhuis Dido waar hij de weekends doorbracht, en waar ook wij hem uiteindelijk beter leerden kennen. Tot 1972 kwam hij overigens tijdens de vakantie elk jaar terug, en in die tussentijden correspondeerden wij met hem.  Ergens in  mijn archief zit nog een brief waarin hij ons uitlegde  wat de ramadan was en is.  Zaken waar de jeugd in onze buurt nog nooit van had gehoord.  Hier  werd op vrijdag nog vis gegeten,  omdat onze godsdienst vlees eten verbood.  Wie herinnert zich niet de visauto die op donderdagnamiddag en vrijdagochtend langs kwam?   Die vishandelaren deden meer dan waarschijnlijk gouden zaken op  vrijdagtijdens  en tijdens de vastentijd waar je ook op woensdag ‘verplicht’ werd vis te eten.

Met de opbrengst van twee weken groentenkistjes maken kocht ik mijn allereerste LP: ‘Cosmo’s Factory’ van ‘Creedence Clearwater Revival’.  Nooit was het er van gekomen om  de eerste LP die ik echt op het oog had aan te kopen, vanwege nooit genoeg pingping in kas.  UItgaan, singles kopen, muziekbladen verslinden waren daar niet vreemd aan. Pas jaren later zal ik voor vijftig frank, ergens in een Brusselse galerie in de buurt van de ASLK en de Zilverstraat ‘A Collection of Oldies but Goldies’ van de Beatles op de kop kunnen tikken.  En  ik mag nog van geluk spreken, want de plaat werd uit de catalogus van de Beatles gehaald en vervangen door  minder mooi ogend zwarte comilatie cd. Al waren de door EMI uitgebrachte rode en blauwe daar ook niet vreemd aan.

Het jaar er op, 1971, was niet echt een geschikt jaar voor een vakantiejob, vanwege een onverwachte tweede zit.  Het examensysteem werd plots onaangekondigd gewijzigd.  Het maakte ineens  niet meer  uit of je de helft haalde op all vakken.  Een buis kon best, als je maar in globo 60 procent haalde. En laat ik daar nu net 18 punten  op een totaal van meer dan 1800 voor te weinig hebben behaald.   Het perverse aan het hele zaakje was, dat er in ons jaar een paar gasten waren met een superdikke buis voor boekhouden, hun hoofdvak.  Maar omdat ze in  totaal 60 procent scoorden dansend de schoolpoort uitliepen.   Onze leraar, de latere liberale schepen van financiën, stond er bij en keek er naar, wel  ziedend.  Die tweede zit viel  mee, omdat de proffen ons op voorhand hadden verwittigd, in de trant van: ‘Voor mij zat je goed, dus lees even je stof, en kom maar af’.  Maar wie vertrouwt zo iets?  Dus het werd toch blokken, vooral die laatste weken, en geen vakantiejob.

Afgestudeerd in 72, en dus was de tijd van de vakantiejobs voorbij, volgden wel nog 13 stielen die zich voornamelijk in het weekend afspeelden.  Vestiairehouder voor een avond op een CVP bal waar ik  op het einde van de avond 500 frank en een hoed aan over hield.  Ik hielp er  de veel te diep in het glas gekeken dorpelingen hun overjas aansteken.  Voorzien van een witte Garçonsvest met goudkleurige knopen en zilverkleurige epauletten  op feesten en fuiven opdienen. Sleuren, opstellen en afbreken van disco installaties. Part-time dj tijdens fuiven, feesten en concertavonden.

In de jaren tachtig freelance persmedewerker bij de Rode Vaan, met doortochten op Torhout Werchter, Festivalcatraz, Seaside, concerten aan de VUB,  enz…

(*) Made in Aalst Collectie: André Schollaert



Brian Jones 28/02/1942 – 03/07/1969

Classic rock, Forever Young Posted on 08 jul, 2024 23:00

Woensdag, 9 juli 1969

Vandaag 55 jaar geleden  leerde ik, tijdens een vakantiejob, borduren op een kantmachine. Ik werd dus van de ene dag op de anderde borduurder. En dat een hele dag terwijl  G. mocht meerijden met de camion. Naar het schijnt vrijdag nog een volledige dag van hetzelfde.  Na het werk reden we langs de Philips winkel en jawel de bandopnemer staat er nog. Intussen in prijs verlaagd van 6500 naar 5200 frank, daar het een einde serie 68  betreft.  Nog wat bijleggen van de studiebeurs check en we komen er wel.

Donderdag, 10 juli 1969

Vandaag een dag als alle andere deze week. Weer een ganse lange dag aan dat rot machien.  Eindeloos lange dagen zonder einde.  Morgenavond schijnt zo ver weg. De eindstreep van onze vakantiejob.  Met G. is het al net zo gesteld.  We mochten nog van geluk spreken dat het slecht weer was.  

Schreef ik al dat 10 juli ook de dag was waarop Brian Jones, een Rolling Stone, op het kerkhof van Cheltenham werd begraven?

Je kan 1969 bezwaarlijk een topjaar noemen voor de ‘Rolling Stones’, hooguit een jaar van herstel na het fiasco eind 1967 van ‘Their Satanic Majesties Request’, en het mislukte project uit ‘68, dat ‘Rock and Roll Circus’ heette, en pas enkele tientallen jaren later alsnog werd uitgegeven.

‘Jagger en Richards’, hadden in navolging van ‘Lennon en McCartney’ zich toegelegd op het schijven van popsongs, omdat daar in eerste instantie veel meer geld met te rapen viel dan met het coveren van oude bluessongs. En laat dat nu net de onstaansreden zijn van de band. ‘Brian Jones’ was een fervent blues liefhebber, die menig nacht doorbracht op de sofa van ‘Alexis Korner’, waar hij zich door de discotheek van Korner worstelde, op zoek naar de echte blues. Korner was bekend voor zijn verzameling albums, waarvan de meeste geïmporteerd waren uit de States. Een liefhebberij die ook door de jonge Jagger langs de andere kant van Londen werd beoefend.

Al bij al bestond in die dagen in Londen toch een beperkte scene, waar in enkele clubs, latere sterren als ‘Eric Clapton’, ‘Jimmy Page’, ‘Paul Jones’, ‘John Mayall’, en tal van tijdgenoten naar elkaar kwamen luisteren. Dat Brian Jones opgegeten was van de blues blijkt alleen al uit het feit dat hij zich ‘Elmo Lewis’ liet noemen, verwijzend naar de slidegitarist ‘Elmore James’, waar hij een boon voor had. Brian zocht andere muzikanten om samen een bandje mee te vormen. Waarschijnlijk dacht geen van de tijdsgenoten in die dagen dat daar een levenslange job in zat. Het was op dat ogenblik vooral ontsnappen aan een job ergens in een fabriek of stratenmaker worden, een bezigheid die ‘Robert Plant’ nog een tijdje uitoefende in Kidderminster en onmiddellijke omgeving. ‘Roger Daltrey’ van de ‘Who’, beoefende ooit het loodgieterschap, en van ‘Rod Stewart’ wordt verteld dat hij een tijdje grafdelver was, wat niet echt klopt.

Weet ook dat bluesmuziek en bij uitbreiding populaire muziek niet onmiddellijk een product was dat bij honderden of duizenden over de toonbanken ging.  Het was die jongelui vooral te doen om via de muziek en voornamelijk via kleinschalige optredens in kleine clubs te overleven.

Soms vraag ik mij af: waren de ‘Beatles’ er nooit geweest, die de hele markt opengooiden, zouden die Londense jongens dan uiteindelijk toch succes hebben gehad?  Zou het leven van Brian Jones er anders hebben uitgezien, en zou hij misschien zelfs nu nog hebben geleefd? Ik weet ook wel dat indien ons kat een koe was geweest, ze melk zou gegeven hebben, en je ze kon melken onder de stoof, bij wijze van boutade. 

Men wil ons graag doen geloven, dat de uitgave begin jaren zestig, van de songs van ‘Robert Johnson’, een en ander teweeg bracht, maar dat is veeleer, iets wat pas jaren later door veel auteurs werd geponeerd.

Om een en ander te weten te komen over Brian Jones en de jonge Stones is het aan te bevelen het boek van ‘James Phelge’ er op na te slaan. Phelge deelde een tijd lang een kamer met de nucleus van de Rolling Stones. Een van de manieren om betaalbaar te kunnen wonen in Londen, was ‘sharing’, kostendelen.  Op de eerste platen van de Rolling Stones tref je heel wat songs aan van de hand van ‘Nanker Phelge’.  Dit was een imaginair persoon, die zijn naam ‘leende’ aan wat eigenlijk groepscomposities waren.  Een ideetje van Brian Jones, waar James Phelge zelfs in het begin niet van op de hoogte was.  Nanker kwam van nankering, een soortement gekke bekken trekken, dat door Jones werd beoefend, waarbij hij zijn neus naar boven duwde en zijn ogen naar beneden trok. Oude vrouwtjes aan het schrikken brengen en meer van dat soort ongein. 

Voornamelijk  Brian Jones, die al sedert zijn vijftiende, ongewild vader werd, en die stunt enkele keren herhaalde, was op zoek naar een ‘deftig’ inkomen. Het oprichten van een eigen bluesgroep, kon daar toe bijdragen. Via annonces, en contacten met Korner ontmoette Brian  uiteindelijk Jagger en Richards, alsook ‘Dick Taylor’, die later bij de ‘Pretty Things’ zou opduiken,  en tot slot  een niet meer voor de geschiedenis belangrijke drummer (voorloper van Charly).  Het is bekend dat toen ze samenhokten in ‘Edith Grove’, waar Jagger’s moeder regelmatig kwam kuisen en hen wat eten toestopte, Richards en Jones constant songs probeerden na te spelen.  Jagger studeerde nog voor boekhouder en was overdag vaak weg.

Ze kregen het voor elkaar om regelmatig in de ‘Crawdaddy’, de club van ‘Giorgio Gomelsky’ op te treden, en enkele andere clubs, zoals de ‘Marquee’. Optredens versierden ze ook op het legendarische ‘Eel Pie Island’, waar je via een loopbrugje al je materiaal heen moest slepen.

Giorgio Gomelsky bezorgd om de jonge band, werd hun manager.  Zijn bezorgdheid en managerschap was zuiver op vertrouwen gestoeld, want er werd nooit een contract opgesteld. Dat zou hem later zuur opbreken, wanneer de jonge Amerikaan, ‘Andrew Loog Oldham’,  op de scene verscheen, en de band wegkaapte onder de ogen van Gomelski. Gomelsky ruilde de Stones in  voor de jonge ‘Yardbirds’ met Eric Clapton, en het leven kabbelde verder. 

Brian stuurde brieven naar de BBC en naar iedereen die hij vond die hen zou kunnen helpen bij het opzetten van een carrière. (Iets wat Beatle Lennon in den beginne ook deed).

In die dagen verwerkte ‘Decca’ nog altijd de kater die ze opliepen vanwege het niet onder contract nemen van de Beatles. ‘Guitargroups are out now’, lieten ze de Beatles weten. Toen Decca eenmaal zag dat er met die ‘gitaargrtoepen’ toch wel wat te rapen viel, haasten ze zich om waarschijnlijk ‘de eerste de beste’ die zich aanbood te evalueren, en te signeren. Het geluk was met Brian en de Stones, en hun splinternieuwe manager Andrew Loog Oldham. Oldham leerde overigens een stuk van de stiel bij ‘Brian Epstein’, de Beatles manager.  Zelfs  Beatle ‘George Harrison’ speelde blijkbaar een rol in het versieren van het platencontract bij Decca.

Brian Jones moet ongelofelijk tevreden geweest zijn in die dagen. 

Al zou  het tij zou snel keren, wanneer bleek dat de Beatles hun eigen materiaal begonnen te schrijven, en miljoenen exemplaren  van hun platen verkochten, en dat niet enkel  in Engeland maar spoedig  ook in de USA en de rest van de wereld.  Binnen de kortste keren vormden de meeste authentieke bluesbands in Londen zich om tot popbands die maar wat graag in de voetsporen van de Beatles traden. De Amerikanen hadden het in 1964 en 1965 over de Britse invasie.  De Stones,  volgden in dit spoor en volgens de legende sloot Oldham, Jagger en Richards op, met de opdracht pas terug naar buiten te komen wanneer ze een eigen nummer hadden gecomponeerd. Tot die eerste nummers behoren o.a. ‘As Tears go By’ en ‘The Last Time’, een regelrecht gejat nummer van de Staple Singers.

In de praktijk kwam het er op neer, dat muzikanten die hun hart aan de blues hadden verpand, alleen maar konden toekijken naar wat zich voltrok.  ‘Manfred Mann’, wiens eerste lp’s schitterende bluesnummers bevatten coverde ‘Do Wach Diddy’ en startte hiermee hun carrière als popband.  Bluesman en zanger Paul Jones, stapt uit de groep.  Idem ditto bij de Yardbirds, waar Eric Clapton de richting niet ziet zitten die de band uitgaat.

Bij de Stones was het niet anders. Ook daar moet Jones vastgesteld hebben, dat hij zijn greep op de band kwijt was. Aleen…. hij stapte er niet uit, en bleef. Was het omdat dit hem een rijkelijk leven bood, en hij besefte dat opnieuw beginnen niet makkelijk zou zijn?  Was zijn talent om een band te leiden dan toch niet zo groot?

Gedurende de succesjaren van de Rolling Stones liep Brian vaak in de kijker, maar dat was voor het grootste deel niet vanwege zijn muzikale prestaties. En toch was hij de beste muzikant in de band. Hij bespeelde een scala aan instrumenten. Luister maar naar ‘Paint it Black’ waar hij de sitar bespeelt, of naar de Beatles-B-kant ‘You know my name’, waar Brian aanwezig is op saxofoon.

Maar het feit dat Brian geen hits uit zijn instrumenten toverde, en Jagger en Richards dat plots wel konden, dreef hem naar het achterplan. Jagger werd de echte frontman en in die positie door de pers ook aanzien als de echte leider van de band. Iets wat Brian erg moet gefrustreerd hebben. Brian verdiepte zich dan maar in enkele zijprojecten, zoals in de filmscore voor ‘A degree of Mur’der’ die hij samen met Jimmy Page maakte, en waarop ook ‘Nicky Hopkins’ te horen is, de pianist op ‘She’s a Rainbow’.  Of ook nog in een plaat die hij opname met een aantal Marokkaanse muzikanten onder de noemer:  ‘Brian Jones Presents the Pipes of Pan at Joujouka’.  Niet echt succesvolle ondernemingen. En in 1968 beterde het er niet op. Hij zag er opgezwollen uit en bleef vaak afwezig bij geplande opnames.  Ook het feit dat de Stones, net als de Beatles gestopt waren met optreden, was in het nadeel van Brian.  Hij kon zijn muzikale kunsten niet meer tonen op een podium.  Bij de opnamen van het ook al mislukte project Rock and Roll Circus, diende de regisseur hem om te praten om toch te komen.  Hij vertikte het bijna omdat ze hem teveel pesten, zoals hij het zelf uitdrukte.

Zou hij het feit dat ze hem begin juni ‘69 ontslagen hadden,als  bevrijdend hebben ervaren? Brian was geen leidende figuur, en het opzetten van een nieuwe band, of nieuwe soloprojecten zonder hulp van anderen lijkt hoogst onwaarschijnlijk. In elk geval de Stones wilden weer op pad met hun nieuwste LP, en daar paste Brian al helemaal niet meer in.  Hij had er ook nog nauwelijks op meegespeeld. En wat zou er gebeuren wanneer Jones voet zou ztten op Amerikaanse grond, na zijn veroordelingen voor gebruik van drugs?

De Begrafenis in Cheltenham op 10 juli 1969.

Ik lees vaak dat met uitzondering van Mick, die op weg was naar  Australië om er ‘Ned Kelly’ te vertolken in een film, hij de enige Stone was die afwezig was. Wie de geschiedenis wat beter doorzoekt moet vaststellen dat ook Keith en zijn vriendin ‘Anita Pallenberg’, overigens het ex-lief van Brian, er niet waren. ‘Anna Wohlin’ de toenmalige Zweedse vriendin van Brian schitterde ook door haar afwezigheid, al wijt ze dit aan het feit dat het haar verboden werd aanwezig te zijn, door het Stones management. Bouwvakker ‘Thorogood’ was er dan weer wel. De man waarvan later beweert werd dat hij Jones omgebracht zou hebben.

Drie juli, vijftig jaar later,  gaf Brian’s dochter, bij het graf,  een interview aan Sky News, waarin ze beweert dat Jones niet zomaar verdronk, maar werd “geholpen”.   Donovan, de Britse folkartiest,  bezocht het graf in gezelschap van Linda Lawrence (ex-vriendin van Brian) en de kleinzoon van Brian en Linda, Joolz.  Fans van Brian kunnen terecht bij twee besloten facebook groepen: Brian Jones Golden Stone en Brian Jones-The original Rolling Stone.

Via een ander filmpje dat een fan maakte, horen we dat ook Pat Andrews (*) en Jimmy Phelge aanwezig waren op de vijftigste herinneringsdag te Cheltenham.  Brian kwam uit Cheltenham een eind van Londen.

(*) https://www.gloucestershirelive.co.uk/news/cheltenham-news/cheltenham-must-more-remember-rolling-199728



Dizzy Fingers speelt op 8 juni tijdens Amber Jubilee (zaal Cinema Aalst).

dagblog Posted on 19 feb, 2024 16:07

Wij zagen ‘Dizzy Fingers’ aan het werk in Herzele op de ‘Burchtfeesten’ in 2022 en 2023, en wij zagen dat het goed was.  Dizzy Fingers bevolkt de Vlaamse podia nu al 40 jaar. Een band die best omschreven kan worden als een van de sterkhouders in het recente cover circuit. Op dit ogenblik bestaat de band uit: ‘Franky Du Mongh’, ‘Luc De Clus’ (1951.06.27), ‘Franky Cooreman’ en ‘Patrick Goessens’. Af en toe aangevuld met een aantal blazers zoals te zien zal zijn op 8 juni.  Zelf omschrijven ze zich als een “Country RockBand”.  Wat betekent dat hun repertoire behoorlijk breed uitgesmeerd wordt. Een repertoire dat bestaat uit nummers van ‘Clapton en Peter Green’ tot de ‘Beatles’, over gitaarpareltjes als ‘Dueling banjos’ en het van ‘Blinkit’ bekende ‘Sabre Surf’.

(c) fotografie Eddy De Saedeleer

De namen van Luc en de beide Franky’s zullen voor eewig gelinked aan die van ‘William Souffreau’ waar ze op een of ander ogenblik gedurende de laatste 50 jaar hebben  met samengewerkt. Met ‘Franky Du Mongh’ bracht William een soloplaat uit, waarop ook Luc meespeelt. ‘Franky Cooreman’ maakte deel uit van ‘Irish Coffee’ in de latere periodes terwijl ‘Luc De Clus’, als jeugdige opvolger van ‘Jean Van Der Schueren’ reeds bij ‘Irish Coffee’  speelde in 1974, en dat 30 jaar lang. Luc vinden we in dezelfde periodes terug op een aantal soloplaten van Souffreau.

Overzicht:

Nadat Luc Irish Coffee vervoegt wordt er nog een single ingeblikt bij ‘Barclay records’: ‘Witchy Lady’ met op de b-kant ‘I’m hers’. Het is intussen 1974 geworden, en de optredens drogen stilaan op. De band, zonder William, gaat vanaf die tijd ‘Wim De Craene’ begeleiden. Met ‘Wim De Craene’ nemen ze het album ‘Brussel’ op, met als bekendste nummers ‘Brussel’, ‘Sara’, ‘Tante Emma’ en vooral ‘Rozanne’.

In 1974 begin november slaat het noodlot toe en verongelukt de toetsenist op terugweg van een optreden in Limburg. Van ’75 tot ’80 begeleidt Luc verder De Craene op enkele lp’s waaronder  ‘… is ook nooit weg’, ‘Perte Totale’ en ‘Alles is nog bij het oude’ met op de hoes een foto van de al lang afgebroken wetterse kroeg ‘De Kneut’. Op dit laatste album kunnen we genieten van ‘5 uur’, ‘De schoolstraat’ en uiteraard de Vlaamse Klassieker ‘Tim’.

Naast werk met De Craene pleegde Luc De Clus nogal wat sessiewerk (zie bijv. ‘Misverstand” met leden van ‘Stampen en Dagen’), en zelfs opnaames met ‘Will Tura’.

Door zijn drukke bezigheden zag De Clus de volgende stap in de carrière van ‘William Souffreau’, ‘Joystick’, haast aan zich voorbijgaan. Toch duiken zij opnieuw samen op in ‘Oh Boy’.

Vanaf 1984 is er sprake van ‘Dizzy Fingers’, eerst als duo met ‘Franky Du Mongh’, later als trio en uiteindelijk als volwaardige band. Vanwege Luc’s deelname aan ‘Oh Boy’, ontwikkelde ‘Dizzy Fingers’ zich de eerste jaren eerder langzaam. Dit was de periode waarin Franky Du Mongh en William deel uitmaakten van Dizzy Fingers.   We vinden ze samen, terug op de in 1998 uitgebrachte CD ‘Rolling through the Night’. Aangezien zowel Luc De Clus als Franky Cooreman meespelen zou je dit evengoed een  ‘Dizzy Fingers’ cd kunnen noemen, met extra zang van William op een aantal nummers.

In 1999 kan ‘Luc De Clus’ helemaal losgaan in alweer een nieuwe band van ‘William Souffreau’ , ‘Blinkit’. Luister zeker naar ‘Caddilac Rock’ en ‘Sabre Surf’ uit het onvolprezen ‘Rock Billy Boogie’

Nadat begin jaren 1992 de magische lp uit 1971 ‘Irish Coffee’, aangevuld met alle singels, op cd wordt uitgebracht, volgt een jaar later een legendarich optreden in ‘Zaal Netwek’ in Aalst. ‘Luc De Clus’ is weer aanwezig samen met enkele andere originele leden. De weergave van dit concert, in die dagen gefilmd voor een herinneringsvideo, werd in 2023 uitgebracht op LP en CD als ‘The Return of The Legendary Irish Coffee Live at Network Aalst’. Nog beperkt te verkrijgen in de betere platenzaken.

Omwille van de solocarriere van William neemt het negen jaar in beslag eer Irish Coffee opnieuw opduikt. Zij mochten het voorprogramma van ‘Golden Earring’ verzorgen in de ‘Aalsterse Flora hallen’.  Er volgden nog wat optredens waarbij ‘Franky Cooreman’ opduikt in de band. ‘Irish Coffee II’ is geboren. In 2004 wordt in de studio van ‘Luc De Clus’ een nieuw album opgenomen: ‘Irish Coffe (2004)’. Het nummer ‘I’m Lost’ vormt de link met het eerste album uit 1971. Dit resulteert een jaar later in shows in Duitsland voor Rockpalast.

‘Franky Cooreman’ bas’t niet alleen bij ‘Dizzy Fingers’ maar leent zijn basspel aan de meest uitgebreide schare van muzikanten. Recent nog te zien in Lede aan de zijde van ‘Jan Hautekiet’, ‘Patrick Riguelle’ en ‘Chris Peters’ in een hulde aan ‘Randy Newman’. Zeg maar samen met de kern van ‘De Laatste Showband’.  

‘Franky Cooreman’ was er bij op bijna elke ‘reunie’ van het ‘Amber Team’, als muzikant of achter de knoppen.

Terug naar Dizzy Fingers. In 1991 verschijnt ‘On the Cover’ met nummers als ‘Bo Diddly’, ‘White man’s Blues’ en ‘Midnight Train’. In 2005 verschijnt ‘The Breeze’ met uiteraard ‘Call me the Breeze’, en ‘Dust in the Wind’.  Gevolg door ‘Carry On’ in 2009. Dit album bevat ‘Water of Love’, ‘Driving my life away’ en ‘The Letter’. 

Dizzy Fingers is duidelijk geen band met vervelend lange eigen nummers, maar veeleer een band die u het beste van de laatste 50 jaar uit de rock geschiedenis voorschotelt.  Elk van de muzikanten heeft zijn sporen in de Belgische pop en rock meer dan verdiend.

Luc De Clus heeft zelfs voor opvolging gezorgd via zoon ‘Thijs De Clus’ en zijn band ‘Zender’. Neem even de tijd voor een luisterbeurt van ‘Acid Avenue’ waarop je zowel Luc, Franky DM en zelfs William kan terugvinden.

Wij verwachten u op zaterdag 8 juni in Aalst.

Concerten:

Dizzy Fingers speelde in onze regio ondermeer in:

  • 8 november 1991:  in De Nieuwe Madelon in Aalst.
  • 27 april 2000: in de Aalsters Cocoon
  • 10 mei 2014:  op het Zottegemse More Blues Festival. (info Setlist.fm)
  • 2019 Boogie Woogie
  • 2022 Tovenaarsfeesten Iddergem

Discography (Dizzy Fingers en leden van… enkele uittreksels)

  • Irish Coffee 1974: Luc De Clus,  leadgitaar op single: Witchy Lady en I’m hers
  • Wim De Craene 1975: Luc De Clus en andere leden van IC op  Brussel
  • Wim De Craene 1975: Luc De Clus op Alles is nog bij het oude
  • Wim De Craene 1977: Luc De Clus op  … is ook nooit weg
  • Wim De Craene 1980: Luc De Clus op Perte Totale
  • Dizzy Fingers 1991: On the Cover
  • William Souffreau solo 1991: Franky Du Mongh (guitar & backing vocals), Luc De Clus (guitar & lapsteel) op Under a Belgian Moon
  • William Souffreau solo 1994:Luc De Clus op nieuwe opname Masterpiece op In My Room.
  • William Souffreau solo 1996: met Luc De Clus op Been away too long (een soloplaat die af en toe klinkt als een echte IC plaat)
  • Wim De Craene 1996: Compilatie, Luc De Clus  akoestische gitaar en/of steelguitar op 18 van de 29 tracks op Dag Wim … Alles is nog bij het oude
  • William Souffreau & Franky Du Mongh solo 1998: Franky Dumongh (vocals & guitar), Luc De Clus (guitar), Frankie Cooreman / Geert Maesschalck (bass)
  • Irish Coffee 2 2004: Irish Coffee 2002 – 2005: Luc De Clus, Franky Cooreman,  Video en CD
  • Rockpalast – Harmonie, Bonn – 21.12.2005 (Second Battle, 2008)
  • William Souffreau solo 2005: Franky Cooreman op 1 nummer, I had a friend  op Time
  • Dizzy Fingers 2005: The Breeze
  • Dizzy Fingers 2009: Carry On
  • Irish Coffee 2012 – 2017: Franky Cooreman.
  • Blink It: met Luc De Clus
  • Irish Coffee: Live at Rockpalast mdet Luc De Clues en Franky Cooreman
  • Irish Coffee versie 3 tussen 2012 en 2017 met Franky Cooreman  en de Cammen
  • Wim De Craene 2015:  Integraal Luc De Clus, elektrische gitaar, akoestische gitaar, steelguitar en/of gitaar op 48 van de 140 tracks
  • Irish Coffee 2023: ‘The Return of The Legendary Irish Coffee Live at Network Aalst’.

Enkele intressante links



1967 Summer of love: sex in de keuken

Forever Young Posted on 21 jan, 2024 19:28

1967, de zomer van…. ‘radio 227’, ‘All you Need is Love’, ‘San Francisco’, en wat verderop in de wereld, de ‘Summer of Love’.  Nederland trachtte er wat van mee te pikken en plaatste een foto van een naakte ‘Phil Bloom’ in een tienerblad. Dit naar aanleiding van het programma ‘Hoopla’, gepresenteerd door ‘Joost den Draaier’, waar het al na een aflevering met gedaan was.  De tijd was er nog niet rijp voor.  Het zou nog twee jaar duren eer ze naakt rondliepen op het Woodstock festival, of eer er toneelstukken à la ‘Och! Calcutta!’ op de wereld werden losgelaten.

Bardot en Gainsbourg

Onze vakantie speelde zich af op en rond de ‘Kleine Steenweg’, waar men net een wat vieze kleine putenvijver (vol met kikkerdril)  omvormde tot een in ons ogen waar openlucht zwembad.  In het huis er pal voor woonde een gezin dat in Duitsland verhakkelde Mercedessen opkocht, die compleet restaureerde en er op die manier een broodwinning aan over hield.  De dochter van hun Duitse leverancier bracht er dat jaar de zomer door.  Ze was wat ouder, en paradeerde af en toe in bikini aan de vijver.  Sybille, onbereikbaar, was voor ons het levend geworden onbereikbare playboy model uit boekjes die toen nog in de winkels lagen voorzien van witte of zwarte stickers op de cover. 

De vakantie was spannend begonnen.  Vijftien en veertien waren we, en tuk op het bijverdienen van een zakcentje.  Bijna iedere jongen van die leeftijd vond het nuttig vakantiewerk te doen. Het hoorde zo. Werken op het veld, gebukt staan onder een hete zon, om rozen te oculeren vonden we niet goed genoeg.  Voornamelijk, omdat daar amper 8 of 9 frank per uur werd betaald.  Een oudere gast in de buurt, Marcel, vertelde dat er bij ‘Meubelfabriek Paul De Neef’ op de Gentse Steenweg, altijd werkstudenten aan de slag waren, en nu was er nog niemand begonnen.  Als vijftienjarige kreeg je zelfs 20 frank per uur; een jaar jonger moest zich tevreden stellen met 15 frank. Daar lag onze kans. Om het verhaal kort te houden, we hielden het amper drie en een halve dag vol.  Ongezonde werkruimte, afstompend werk, een hele dag kastjes afschuren, en buiten scheen bovenal de zon. PDN snapte het niet echt toen we die donderdagmiddag stelden dat we het wel gezien hadden.  Hij dacht nog even dat het voor die dag was, bekeek ons en zei dat we op het einde van de “quinzaine” om ons “pree” mochten komen.

De rest van de maand fietsten we enkele keren naar ‘Hofstade Bad’ bij Mechelen, waar we de dag doorbrachten op het ligstrand, dromend van de lokale grieten die daar paradeerden, en waar Marcel en André, als volleerde achttienjarigen hun kansen bij waagden.

In de Brusselse Nieuwstraat brandde in 1967 de Innovation uit. Het enkele maanden eerder opgerichte ‘Radio 227’, op het schip van ‘Radio England’, waar de latere ‘Veronica’ deejays ‘Lex Harding’ en ‘Tom Collins’ hun eerste stappen zetten, stopte met zijn uitzendingen op 14 augustus.  De aanleiding was de Britse ‘Marine Offences Bill’ die uitzendingen vanop radioschepen verbood.  Dus het schip, van ‘Radio England’, ‘Radio Londen’, ‘Radio City’ en nog wat andere werd naar de havens gesleept.  Alleen ‘Radio Caroline’ hield vol, tot op de dag van vandaag.

Tijdens de vakantie van 1967 regende het regelmatig.  Tijd om in huis bijeen te kruipen rond een bandopnemer en er muziek te beluisteren die de vader van R. op zondagvoormiddag opnam in radioprogramma’s als ‘Harbalorifa’, waar ze continu plaatjes draaiden zonder getater tussenin.  ‘The Pied Piper’ van Chrispian Sint Peeters’, ‘I love my dog’ van ‘Cat Stevens’ en ‘David Garrick’s Dear Mrs. Applebee’ werden vaak de ether ingestuurd. 

Maar je bent jong, en rond een bandopnemer zitten gaat snel vervelen. Ideeën borrelden op in het gezelschap dat bestond uit drie jongens en twee meisjes. Vader en moeder van R. waren naar de naburige stad inkopen doen. En R. die al een hele zomer achter Magda, de oudste van het gezelschap, aanzat kwam met het idee, een luisterspel op te nemen.  Luisterspelen waren in die tijd nog wekelijkse kost op de Belgische radio.  

R. vond een kleine tape, die niet veel meer werd gebruikt, en dus geschikt werd bevonden voor het experiment.  Een uitgeschreven scenario of tekst was er niet, was ook niet nodig, want R. kende de woorden maar al te goed die hij tot Magda richtte. Het werd een verleidingspel eerste klas, waarbij Olga W. en ikzelf eerder toehoorders en genieters waren. Magda speelde haar rol van niet te vermurwen uitdagende prooi ten volle. R. bleef aandringen. 

Gedurende dezelfde zomer namen ‘Serge Gainsbourg’ en ‘Brigitte Bardot’ hijgend en steunend ‘Je t’aime, moi non plus’ op, waarbij ze zich op “veilige” afstand van elkaar bevonden, althans toch volgens BB.  Wij waren niet op de hoogte van wat Serge en Brigitte opnamen. Toch liep het in ons luisterspel niet anders. Magda zat aan de kop van de tafel en R. zat aan het andere uiteinde van de tafel. Wij er tussenin, genietend.  Het geheel nam nog geen tien minuten in beslag, maar er werd plots heftig op de deur geklopt door, dat herinner ik mij niet meer, en de kreet: “a moeder” sprak boekdelen.  R. verstopte nog snel het bandje in een of andere kast waar vader Felix het al na enkele minuten vond, en terstond ging luisteren om te horen wat er was weggeveegd.  Het hielp geen zier om uit te leggen wat het opzet van de opname was.  Voor pa en, ma was het duidelijk wat er gaande was, en wat er gebeurd was. Diezelfde vakantie mocht R. geen stap meer op straat zetten, toch voor een tijdje. 

Twee jaar later toen ik zelf een bandopnemer kocht, na alweer een vakantiejob, maar dat is een ander verhaal, kopieerden we het “luisterspel”.  Ik vraag mij af of dit bandje, of mogelijks het origineel noch kan gedigitaliseerd worden, ter nagedachtenis van de aanwezige meisjes, die toch wel de hoofdrol speelden in dit onuitgegeven luisterspel.

Zomer ‘67, ook wel Summer of Love.



Jeff Beck: in memoriam: 24 juni 1944 – 10 januari 2023

Classic rock Posted on 10 jan, 2024 21:25

2023 mag gerust een vreselijk jaar genoemd worden voor de muziekwereld. David Crosby, Top Topham, Gary Rossington, Tony McPhee, Randy Meisner, Robby Robertson, Gary Wright, Brendan Crocker, Shane MacGowan, Denny Laine, Tina Turner en Jeff Beck begonnen allen aan een lange eindeloze reis.

Early Jeff Beck

Zijn we terecht gekomen bij het begin van het einde?  Die periode waarin de menselijke verliezen zich zullen opstapelen.  En niet van waanzinnige oorlogen, maar “gewoon” omdat het einde van onze generaties nadert? ‘Presley’s’ dochter, overleden na amper 54 jaar op deze aardkloot.

Woensdagavond acht uur en ‘Terzake’ gaat helemaal de mist in. ‘Annelies Beck’ redt onverstoord de meubelen, en precies om dertien na acht wordt de reportage hervat.  Die andere ‘Beck’ heeft zichzelf niet kunnen redden. Een virus was er teveel aan. Het valt mij op dat de nationale omroep, die bulkt van de klaarliggende necrologieën blijkbaar  over ‘Jeff Beck’ weinig heeft klaarliggen. Anderen verbazen er zich over dat de sociale media overspoeld worden met lofbetuigingen aan het adres van Jeff en ‘Sandra’ zijn echtgenote. Overigens blijkt dat op de VRT nieuwslezers in hun ‘dode’ uren tussen de journaals in vaak aan de waggel worden gehouden door necrologieën  te schrijven over iedereen waarvan ze denken er enkele minuten te moeten aan weiden.  Vraag het maar na bij het lief van Van Het Groenewoud; zij was een van de doodsbericht schrijvers, tenminste  in de dagen dat ze nog op de Nieuwsdienst werkte en zich blauw ergerde wanneer het middagjournaal weer eens de mist in ging.

Over Jeff Beck hebben we het al uitgebreid gehad toen de man nog in leven was (*), en hij meer dan wat aandacht verdiende, want zelf was hij daar zeker niet op uit.  Hij die vond dat het publiek niet te lang moest applaudisseren, ‘omdat dat gewoon tijdverlies was’ en hij niets liever deed dan snel een nieuw nummer inzetten.

Laat ons stilstaan bij de vele eerbetuigingen waarmee de sociale media overspoeld werden. Uiteraard kwamen er reacties van ‘Eric Clapton’ en ‘Jimmy Page’, zijn voor- en naganger in de ‘Yardbirds’.  ‘Rod the Mod’ en ‘Ron Wood’ die dankzij Beck voor het eerst in Amerika belanden als leden van de ‘Jeff Beck Group’ pleegden enkele woorden. De lijst is eindeloos met namen van  muzikanten waar Beck zijn medewerking aan verleende. Van ‘Stevie Wonder’ tot ‘Mick Jagger’ over ‘Roger Waters’. Vooral gitaristen die in de sporen van Beck wilden treden laten van zich horen, en produceren vaak meerdere alinea’s tekst met herinneringen. Dikwijls zijn het de korte reacties die beklijven.

Hoe kijken leeftijdsgenoten aan tegen dit verlies?  De ene dag nog springlevend, en bezig met allerlei projecten, en de andere dag geveld worden door meningitis.

Om de Yardbirds of de Jeff Beck Group aan het werk te zien waren we net iets te jong. Platen kopen dat wel.  Ik denk nog vaak aan die keer in de ‘Telcona’ winkel te Aalst waar ik ‘Under Over Sideways Down’ (zonder hoesje) kocht en ‘Shape of Things’, met hoesje, liet liggen. Keuze gemaakt op basis van de titel die op de B-kant stond, namelijk: ‘Jeffs Boogie’.

Het mag gezegd dat Jeff bij ons al aansloeg in 1967 vanaf de eerste, door hemzelf, gehate singels ‘Hi Ho Silver Lining’ en ‘Tallyman’ waarop hij “moest” zingen omdat ‘Micky Most’ het zo wou.  Most is intussen zelf al een paar jaar geleden vertrokken naar de eeuwige jachtvelden, met een lading asbest in zijn lijf. Een jaar later verbaasde Jeff Beck de mensheid door een songfestival nummertje te coveren: ‘L’amour est blue’ van ene ‘Vicky’ dat door Luxemburg naar het songfestival was gestuurd.  Vicky verpopte later tot ‘Vicky Leandros’ en L’amour est blue, door Paul Mauriat reeds in een instrumentale versie uitgebracht, transformeerde Beck tot het eveneens instrumentale,  prachtige Love is blue. Op de b-kant maakten we voor het eerst kennis met de rauwe stem van ‘Rod Stewart’ die er het nummer ‘I’ve been drinking’ mocht ‘kwelen’. Met de b-kant van Hi Ho Silver Lining  verliep de kennismaking pas jaren later, en dat dankzij Jimmy Page.

In de zomer van 1975 trokken we naar Londen om er Pink Floyd te zien, en onderweg platen in te slaan.  ‘Hans Laurie’ in ons gezelschap was toen vol lof over ‘Blow by Blow’, de eerste echte solo plaat van Beck op dat ogenblik.  Beck nam kort daarvoor voor nog op met ‘Carmine Appice’ en ‘Tim Bogert’ van de ‘Vanilla Fudge’.

Beck probeerde echt alles, gaande van een samenwerking met Stevie Wonder tot deelnemen aan een auditie voor de Rolling Stones die een opvolger zochten voor Mick Taylor.  Het was niet het kopje thee van Jeff en hij trok in 74 naar ‘George Martin’. Van de samenwerking kwam een plaat die voor geen meter viel te vergelijken met wat hij eerder deed in de Jeff Beck Group. De plaat viel nog best te omschrijven als een jazz-fusion crossover meesterwerk. Het begin van een carrière met hoogtes en laagtes en vooral vele verschillende stijlen.  Het lijkt er op alsof Jeff echt alles uit een gitaar wilde halen.

En toen, en toen…. kwamen de vermaledijde jaren tachtig, waarin het spoor van een aantal artiesten uit de golden sixties vaak warrelig werd.  ‘Lennon’ was vermoord, Zeppelin was gestopt na twee mindere lp’s en een toer naar Amerika die er niet kwam omwille van de dood van ‘John Bonham’. Muziekliefhebbers volgden nieuwe sporen: ‘U2’, ‘Pretenders’, ‘Talking Heads’ en dies meer.

Voor ons werd Beck herboren op Blues Peer op dezelfde dag waarop ‘John Mayal’ en ‘Roger McGuinn’ acte de présence gaven. Mayal viel tegen omdat hij meer de klavieren beroerde dan de snaren. Samen met  bassiste Tal Wilkenfeld speelde Beck er de pannen van de tent.  Enkele oudere blues-Peergangers vonden het iets minder. Te technisch vonden ze. Beck die tremelogewijs elke melodie uit zijn snarenplank haalt techniek verwijten is een understatement.

Een tweede keer zagen we hem aan het werk in de AB.  En recenter in het Koninklijk Circus met zanger ‘Jimmy Hall’ van ‘Wet Willie’. Maar liefst vier nummers van de Yardbirds passeerden de revue. Een vierde keer had nog makkelijk gekund, want Jeff Beck vertoonde geen tekenen van ouderdom: helaas het mag niet zijn…. precies op de verjaardag van Rod Stewart hield het leven op.

Enkele reacties van collega gitaristen, bijeengesprokkeld via sociale media.

Jimmy Page: ‘The six stringed Warrior is no longer here for us to admire the spell he could weave around our mortal emotions. Jeff could channel music from the ethereal. His technique unique. His imaginations apparently limitless. Jeff I will miss you along with your millions of fans.  Jeff Beck Rest in Peace.’

Eric Clapton: “Always and ever”……. ec

Paul Samwell-Smith: ‘ former bassist with the Yardbirds: “Jeff: What a genius. We wrote Shapes of Things together and Jeff had a blank sixteen bars for a solo in the middle of the song. He not only played an extraordinary solo, but he changed the nature of guitar playing ever after. Jeff was a lot of fun, and very naughty, in life and in music. What a great life he enjoyed.”’

Simon napier Bell: ‘…The thing that always surprised me  about Jeff was how little he chased the love of an audience. For performing artists that’s usually the primary purpose of being on stage. But Jeff got impatient when the audience applauded too much; he preferred to get on with the next number.   That’s not to say he didn’t need them; he did. He used the intensity of their expectation to create a fantasy cocoon for himself onstage, where he hid in full view, just him and his guitar, lost in his feelings or thoughts. Or sometimes, perhaps, just testing the limits of his technique. Whichever it was, he always ‘played’ rather than ‘performed’. And although  he needed the audience to push him to his greatest moments, he was never really looking for their approval.  That  what made him different from every other artist I ever managed.  And he was by far my favourite of all of them.’

Rod Stewart: ‘Jeff Beck was on another planet . He took me and Ronnie Wood to the USA in the late 60s in his band the Jeff Beck Group and we haven’t looked back since . He was one of the few guitarists that when playing live would actually listen to me sing and respond . Jeff, you were the greatest, my man . Thank you for everything . RIP’

Ronnie Wood:  ‘Now Jeff has gone, I feel like one of my band of brothers has left this world, and I’m going to dearly miss him. I’m sending much sympathy to Sandra, his family, and all who loved him. I want to thank him for all our early days together in the Jeff Beck Group, conquering America for the first time. Musically, we were breaking all the rules, it was fantastic, groundbreaking rock ’n’ roll! Listen to the incredible track ‘Plynth’ in his honour. Jeff, I will always love you. God bless’

Tal Wilkenfeld: ‘Jeff Beck’s light and power were so strong I was convinced we’d be goofing around and making music until the day I leave this planet. He was forever youthful, fueled so deeply by the muse that basic necessities were last on his list. “Are you hungry, Jeff?” “Oh no, I had a huge muffin yesterday!” We lost our favorite guitarist, and we also lost one of the most intelligent, intuitive, hilarious people I’ve ever met. Jeff, thank you for believing in me before anyone else did. You stood behind me and told everyone to take me seriously. You treated me like a daughter to the point where Wikipedia actually thought that was true. Actually, I did too.’

Imelda May: ‘Jeff Beck Rules Forever. Jeff will be in my heart for the rest of my life. I loved him dearly. He was family. He changed my life all those years ago when we first met and he showed me the world, his magical world.  I found in him a kindred spirit, someone I felt at ease and totally myself with but also someone I looked up to and was thrilled to impress.  He inspired, supported, and encouraged me with every whoop, cheer, gasp and tear when I sang with him whether on stage, studio or sitting in his kitchen or mine.  He was the genius in the room yet he made everyone else around him feel special.  We talked for hours and celebrated often I ran to him and Sandra each time I needed saving. And how they saved me. His enthusiasm for life was immense. He was full of fun, excitement, wit, plans, laughter, brilliance, creativity, love, heart!  This world class coolest motherfucker somehow kept the boy in him alive, the obsessed boy in the bedroom that couldn’t leave a guitar out of his hands was always there. He was dedicated to making pure art. He was responsible for many bands, collaborations and influenced so many by creating his own sound that will outlive us all but he was still creating, still challenging himself, always innovative and pushing boundaries with every album he made.  Each solo he played could perfectly swing from classical to rock, jazz to Middle Eastern, badass to tender.  He was one of a kind that was and never will be again. Every single note he played could kill me with its beauty.  His light was so blindingly bright it already feels so dark without him. The greatest guitarist that ever lived. The finest friend you could wish for. Thank you Jeff Beck. All my love is with the love of his life Sandra and all those of us who miss him dearly

PP Arnold: ‘Rest in Peace and Power Jeff Beck Beautiful Soul . I first met Jeff Beck as an Ikette with the Ike and Tina Turner review on the 1966 Rolling Stones tour. The Yardbirds were also opening acts on that tour. Our paths crossed many times in those heady days of the mid-sixties and not only was he a great gifted guitarist he was such a lovely, very cool, kind guy. I never got an opportunity to record with him directly, but we both featured on Roger Water´s beautiful Amused to death album on the inspirational track ´What God Wants, God Gets´. The last time I saw him, was at The Royal Festival Hall where he shared the bill with Roger. He did a blinding set on his own and invited Roger back on stage to do What God Wants, God Gets. I was fortunate to be on that stage that evening. He was on fire  Remembering that performance sends goosebumps down my spine and both of my arms. Afterwards, at the hotel, we all spent an enjoyable evening and he reminisced with me about the past.

David Gilmour: ‘I am devastated to hear the news of the death of my friend and hero Jeff Beck, whose music has thrilled and inspired me and countless others for so many years.  Polly‘s and my thoughts go out to his lovely wife Sandra.  He will be forever in our hearts.’

Ritchie Blackmore Official Site: ‘First met Jeff Beck around 64-65 and it was a session where we were both playing guitars and Jimmy Page was producing. I couldn’t believe how incredible he was, not only with his technique but his sound too. I became a fan of his ever since. He could reach up into the stars and make magic with his playing. His choice of notes were always absolutely perfect. This whole thing is a shock. We shall always remember Jeff as the best rock and roll player.’

Steve winwood: ‘“Jeff Beck was a brilliant and unique musician who managed to sustain his presence as an outstanding guitarist throughout all of his career, from the mid-sixties to the present time. His guitar style utilised many differing techniques and styles. He was a leader and an innovator, and he will be sadly missed.” – SW’

Dave Mason: ‘Never had the pleasure to meet or play with him but I am very sad to learn we just lost one of contemporary music’s greatest guitar players. God Speed Jeff Beck.’

Martin Barre: ‘I am so saddened to hear the news of the passing of Jeff Beck. Our paths only crossed a few times, but my admiration of his unique talent was always a part of my musical upbringing. He occupied a huge space in the world of guitar playing, and no one will ever fill that void.  Martin,’

Jack Bruce: ‘We are so saddened by this news. RIP one of the greats, Jeff Beck The Bruce family would like to extend our sincere love and condolences to Jeff’s family, friends and fans around the world. What an incredible legacy. Here are a couple of photos of Jack and Jeff together, not so long ago’

John Mayall: ‘Very sad news about Jeff Beck passing this week. He was certainly one of the very best at his craft, leaving large shoes to fill. Heartfelt condolences to family and friends.’

John McLaughlin: ‘You are the Greatest!! I Love you forever!! RIP’

Al Di Meola: ‘ Horrible news! Rest in Peace, Jeff Beck! I remember growing up with Truth and Beck-Ola. Great ! Later years between 76-79 I loved when Jeff came to my Hammersmith Odeon shows when I played London ! There was no one like Jeff! He had the most unique style In a very prestigious category ! I can’t believe this!!! Sad Day!’

Tony Iommi: ‘I was totally shocked to hear the very sad news of Jeff Beck’s passing.  Jeff was such a nice person and an outstanding iconic, genius guitar player – there will never be another Jeff Beck. His playing was very special and distinctively brilliant!!! He will surely be missed.  R.I.P Jeff. Tony

Paul McCartney: ‘I was so saddened to hear that Jeff Beck had died. Jeff Beck was a lovely man with a wicked sense of humour who played some of the best guitar music ever to come out of Great Britain. He was a superb technician and could strip down his guitar and put it back together again in time for the show.  His unique style of playing was something that no one could match, and I will always remember the great times we had together. He would come over to dinner at our place or he and his wife, Sandra, would host an evening at their house.  Jeff had immaculate taste in most things and was an expert at rebuilding his collection of cars. His no nonsense attitude to the music business was always so refreshing and I will cherish forever the moments we spent together.  Jeff Beck has left the building and it is a lonelier place without him.  God bless Jeff and his family. Love Paul’

Robert Plant: ‘  This is tragic news.. Hard to take in.. Jeff always appeared timeless, ever evolving .. He embraced project after project with limitless energy and enthusiasm.. He surfaced in an extraordinary time..he took his place side by side with the virtuosos of the period .. his mates .. The scene was on fire, he introduced a cool template moving from Yardbird to Bolero to Truth, Beck Ola with Rod the perfect foil…the singer and guitarist syndrome..plenty of sparks…great results…  He cooked up magic through all the passing eras, always up for the next, unknown, unlikely collision, back in time to homage Cliff Gallup, forward to Johnny Depp. His gift was enormous. He was funny, challenging and eager. My feelings are with Sandra today.. RP

Paul Rodgers Official: ‘Jeff was in touch with something other worldly when he played and was in a league of his own. On the ‘Truth’ album Jeff and Rod Stewart set the bar for the next 50 years of rock & roll. Beyond sad to lose him from this world, but he left us the gift of his music forever. RIP my friend. Deep condolences to Sandra, family, friends and fans. – Paul’

Donovan: ‘ Oh Darling Jeff.. I always remember our times together  See you down the road  This one’s for you Maestro ! Donovan’

Joe Bonamassa: ‘ To say we are all devastated by this news is an understatement. I simply cannot get my head around it. Rest in peace Jeff. The greatest that ever touched a guitar.

Joe Perry:  ‘Jeff Beck was the Salvador Dali of guitar, to see him play was to hear the ultimate 6 string alchemist create magic in a world of its own. With his passing, the world is a poorer place. Our heartfelt sympathies go out to Sandra. We share your sorrow.’

Warren Haynes: ‘I’m devastated. People ask me a lot “who’s your favorite living guitarist?” and the answer would always have to be Jeff Beck. So much so that I’ve always made a point of being careful not to listen to him too much for fear of wanting to imitate him. I was lucky, thanks to my older brothers, to have discovered Beck at a very early age, even before I started playing guitar. He was ferocious — not just inventive, but totally unique. Nobody played like that. I loved everything he did. All the “guitar heroes” back then were thrust into recording at an early age so we could hear tremendous growth in a lot of cases from album to album, year to year, but with Jeff Beck even more so. So, now when someone asks me “Who’s your favorite guitarist — living or dead?” I will say what I always say: “I can’t answer that.” But my very short list will include Jeff. There will never be another Jeff Beck. RIP.’

Stevie Van Zandt: ‘”RIP Jeff Beck. Having trouble processing this. Not only was he a major influence, and his genius an infinite source of joy my entire lifetime, he was in great spirits when we spoke a few weeks ago having done a flawless show with Johnny the night before at the Capitol. Unreal.” – SVZ’

Jack White: ‘ “Jeff Beck, guitar innovator extraordinaire has moved to the next realm. I wrote to him a couple of years ago to show him that I was standing where he once stood inside Sam Phillips studio in Memphis some 50 odd years before. He was amazingly kind and instructional to me over the years. Many shows that I’ve played began moments after listening to his song “Led Boots” backstage. This bootleg clip that I’m posting is when I had one of the greatest thrills of my life, along with Meg White and Jack Lawrence of the Greenhornes, we were “the yardbirds” for one night backing up Jeff at the Royal Festival Hall in London. In our rehearsals he plugged straight into an amp, no effects pedals. He was changing the sound of the guitar and doing things people didn’t know were possible from his earliest days on stage. God Bless you Jeff, you must already be chatting with Cliff Gallup somewhere.” -Jack White III’

Simon Phillips Music: ‘Woke up yesterday to the sad news that Jeff had “left the building”. I can’t believe it! At my first meeting with him he had to wipe his hands on his jeans before shaking my hand – it was covered with oil from working on one of his rods. His guitars were scattered all over a sofa in his music room and if you picked up one and “played” it for a couple of minutes you would have to wash your hands because of the oil encrusted around the frets. I once asked him why he didn’t play the newer guitars he had. He said they were too easy – he preferred to work hard at playing! One time we flew back to Heathrow from JFK after some rehearsals with Mick Jagger and HM customs pulled us over. Many questions were asked and while the officer went to speak to her superior Jeff opened his case, picked up his Strat, sat on the metal bench and started playing. Even without any amplification he sounded so beautiful and as other travelers walked by they did a double take! It was hilarious! I don’t remember where this shot was taken but it would have been on the There & Back tour in 1980. The World has lost one of the greatest guitarists ever. It was an honor to play all that music with you Jeff. Bon voyage – RIP.’

Billy F Gibbons: ‘I met Jeff Beck when I was 17 and I was glad to know a guy like that, a guy who was able to show me how this guitar playing thing should be approached and that’s still very much the case. Jeff was a wondrous soul and we already miss him tremendously. We are comforted in the fact that he’ll be with us forever. Hi Ho Silver Lining!’

Joe Satriani: ‘Jeff Beck was a genius, a stunning original. He was an astounding guitar player with more ways to make you go, “WTF was that?” than anybody else. He was profoundly talented, and never stopped innovating on the instrument. He had an enormous impact on my guitar playing, my musicianship and my soul. When I was a beginner, I would spend hours trying to jam along with his solo albums. I found his approach to the instrument so inspiring. I was fascinated with his unusual arrangements and his aggressive guitar tones. He always stood out as a unique player: He was always, purely “Jeff Beck”.  His solo albums were all groundbreaking, “ahead of their time”, and paved the way for me and so many other guitarists around the world. And they were fun to listen to, over and over again. I had the pleasure of saying hello to Jeff a few times, once when Chickenfoot went to see him play at the Fox Theater in Oakland, and a second time when we were all playing at the BosPop Festival in The Netherlands. We all had a fun jam backstage that day. Unfortunately, I didn’t ever get to really know him. I hope he knew how much I admired, revered and respected him. When I finish writing this I will go and listen to Jeff’s “Where Were You” a few times and thank him for giving us so much beautiful music. My deepest condolences to his family and close friends. R.I.P. Jeff’

Chrissie Hynde: ‘Still reeling over his sudden departure. I loved him since I was 14. Sadly, he couldn’t influence my primitive skills on guitar – but my hair style was all his. I fucking loved him!!!! JEFF!!!’

Graham Bonnet : ‘ Hey everybody! I wasn’t going to post about Jeff Beck as so many already have. I’ve only actually met him on one occasion but over the past couple of days, I haven’t been able to stop thinking about the profound loss to the world of music. Jeff was so innovative, a true musical genius. No one sounded like or could sound like Jeff. He was so unique. I remember as a young man hearing the Yardbirds on the radio and wondering how he was able to get those sounds. I tried to imitate what he played on my Hofner but it just didn’t sound the same. I knew he was playing a telecaster and I thought if I had a Telecaster I could sound like he did. I went to our local music store and got a hold of a Telecaster and attempted it again. It sounded nothing like Jeff and I realized, it wasn’t the guitar, it was his technique. I was in awe of him from that moment forward. Imagine my delight when years later, he came to see his old pal Cozy Powell from the Jeff Beck Group and turned up backstage at our show in Brighton. We had a brief, friendly conversation and later that evening, Cozy told me that Jeff said “I want to steal your singer.” I was so flattered! Ritchie said to Jeff (and I’m paraphrasing here) “I’m glad that I didn’t know you were in attendance tonight or I could have quite possibly cocked it up.” The whole band thought he was just the greatest. There isn’t much more I could say that hasn’t already been said but I’m so sad wondering how much more incredible music could have come from those hands, that soul.  It’s not a great photo but this is a pic from that actual evening.’

Jimi Hendrix: ‘Experience Hendrix and the family of Jimi Hendrix are deeply saddened to learn of the sudden passing of our good friend, legendary guitarist Jeff Beck. Amongst the pantheon of the world’s great guitarists—Jeff Beck’s influential style incorporated rock, jazz and blues alongside unparalleled improvisational talents that made him a prominent figure as a member of The Yardbirds, Beck Bogert & Appice. The Jeff Beck group, and throughout his multi-decade solo career along with special projects such as recent collaborations with Johnny Depp.

Jimi Hendrix and Jeff Beck jammed together a couple of times in 1968 and that admiration continued through to this day. Beck once acknowledged that the guitar riffs on “Scared for the Children” were inspired by Hendrix, saying “I’ve never loved Hendrix more than I do now. Ever since I learned the chords to ‘Little Wing,’ nobody can shut me up.”

George Thorogood & The Destroyers: ‘We are deeply saddened to hear about the passing of Jeff Beck, one of the greatest ever. Our thoughts and prayers go to his family and friends.’

The Who: ‘So sad to hear of the passing of Jeff Beck. Pete and Roger pay their respects to a good friend. Read their comments on www.thewho.com’

The New York Times: ‘Jeff Beck, one of the most skilled, admired, and influential guitarists in rock history, died on Tuesday at 78. His stinging licks and darting leads on songs added an expansive element to music that helped signal the emerging psychedelic rock revolution. Read his NYT obituary: https://nyti.ms/3IIpFdI

PETA UK: ‘Jeff Beck was vegetarian for more than 50 years and used his platform to call for the King’s Guard’s bearskin caps to be replaced with faux fur. Many will remember him as one of the greatest guitarists of all time. We will also remember him as an unwavering friend to animals.’

Wat de Belgen er over dachten:

Ik peilde naar enkele reacties bij wat oudere Belgische gitaristen, en vroeg aan ‘Jean Van der Schueren’, ‘Kloot Perwez’,’ William Souffreau’, ‘Eddy Piens’, ‘Walter De Berlangeer’, ‘Wouter Mattelin’ en ‘Top Topham’: ‘Wat denken Belgische gitaristen over het overlijden van Jeff Beck.’

Reacties waren er vanwege:

Jean Van der Schueren: ‘Jeff Beck was oa.mijn voorbeeld bij Irish Coffee! Zijn warme melodieuze vibrerende zanglijnen op de Stratocaster zullen altijd mijn geliefkoosde voorbeeld blijven ! Wat een gevoelige snaar die hij wist te raken ..vol van melodieuze speurtochten in zijn knappe improvisatie tochten ! (Hartje)

Kloot Perwez: ‘van de drie ex yardbirden was hij de meest technische en misschien ook de origineelste. Maar desalnietemin heeft hij nooit het commeciele succes  van de anderen kunnen aanhouden, mss was hij te puur. Enn toch ook een beetje neigend naar jazzigheid. Truth en Beck Ola waren uitstekende platen. Beck Bogert and Appice was zijn cream. Zijn tijd met Micky Most en een ietwat commercièlere richting boeiden me minder. Hij werd meer en meer een musicians musician gespecilaliseerd in serieus tremolo arm gebruik en net geen fusion. En dan plots kwam zijn Blue Caps tribute rockabillyplaat. Ik onhou Beck vooral voor It Ain’t Superstitious en merkwaardig, Superstition.En ik klasseer hem lager dan Hendrix hoger dan Clapton.

Eddy Piens: ‘Heb maar een woord Eddy het is de gitarist van God’

De Berlangeer Walter: ‘Goeienavond Eddy, eerst en vooral was ik geschokt door zijn plotse overlijden, je wil dat zulke gitaargoden onsterfelijk blijven. Ik volgde hem vooral in zijn Yardbirds periode en zijn begin 70’s Jeff Beck Group LP’s zoals Truth (1968) Rough and Ready (1971) Blow by Blow (1975) Wired (1976) daarna kwam ik in het progwereldje terecht (knipoogje). Ik ga me Jeff Beck herinneren om zijn uniek gitaarspel, buitenaards en onvervangbaar zowel in het rock, soul, blues, als jazz genre. Ik zag hem het laatst in 2014 in de AB Brussel…maar hij laat ons tenminste achter met de beelden van zijn ultieme Live At Ronnie Scotts concert met Tal Wilkenfeld. (gitaartje).’

Nieuwsblad.be: ‘Hij liet zijn vingers verzekeren voor 10 miljoen dollar. Maar vooral zijn contactenlijst was onbetaalbaar.’

Martin Pulaski intussen zelf overleden RIP: ‘Jeff Beck heeft ons voorgoed verlaten. Hoewel we in de jaren zestig korte metten maakten met helden van allerlei slag was Jeff Beck voor ons een ware held. Een gitaarheld, een echte enkeling, iemand met stijl, iemand met wie wij ons konden identificeren. Zijn eerste solo-elpee Truth (1968), met Rod Stewart als zanger en Ron Wood op bas, draaiden wij opnieuw en opnieuw. Jarenlang was Shapes Of Things (1966) van the Yardbirds, mogelijk de allereerste psychedelische ‘commerciële rocksong’, de favoriete single in mijn collectie. Jeff Beck is dood, zijn muziek leeft.’

Van Willim Souffreau en Top Topham kreeg ik geen reactie, om begrijpelijke reden.

(*) https://blog.sadeler.be/2016/10/23/jeff-beck-153/



Overzicht 2023 jaar van de waanzin, en enkele lijstjes.

Het Lijsternest Posted on 03 jan, 2024 12:02

De grote vier hebben het weer gepresteerd in 2023. We werden terug gecatapulteerd in de tijd. De Beatles, Rolling Stones, de Who en de Kinks waren er plots allemaal opnieuw. De ene met nieuw werk, de andere met opgepoetst werk. .

Bij het oud werk, vooral van de Who kregen we een kijk in wat ooit een opvolger voor Tommy had moeten worden. Lifehouse. De Engelstalige Wiki schrijft daarover het volgende…. ‘Lifehouse is an unfinished science fiction rock opera by the Who intended as a follow-up to Tommy. It was abandoned as a rock opera in favour of creating the traditional rock album Who’s Next, though its songs would appear on various albums and singles by the Who, as well as Pete Townshend’s solo albums.’ Niet afgemaakt, science-fiction, rock-opera, waarvan een deel in de kast bleef liggen en een ander deel verscheen bier en der verspreid in de tijd. Al stonden heel wat nummers op een van de beste Who platen aller tijden, nl Who’s Next. Weet je wel die met de hoes net na het plassen….

Ook de Kinks haalden een oude koe uit de gracht The Journey in een Part 1 en Part 2 uitvoering. Een wandeling door hun repertoire te beginnen in 1963. Zij graaien en verfraaien werk uit Face To Face, The Kink Kontroversy, Something Else, The Village Green Preservation Society, Lola Versus Powerman en The Moneygoround, Muswell Hillbillies, Everybody’s In Show-Biz, Preservation Acts 1 & 2 en A Soap Opera. B-kantjes werden toegevoegd. Ray hermixte 6 nummers waarvan een drietal uit een show in 1975 in het Nieuw Victoria Theater te Londen.
Er werd geen rekening gehouden met chronologie waardoor de verzamelde x plaatkanten echt vernieuwend oogt.

Het waren de twee grootste bands uit de geschiedenis (wanneer we Pink Floyd en Led Zeppelin) even terzijde laten die met “nieuw” materiaal op de proppen kwamen. De Beatles met een single waarop ze alle vier samen en wat hulp van AI een stunt presteerden. De Stones met een volledige nieuwe plaat die echt weer klinkt als een Stones plaat. Hackney Diamonds genoemd naar gebroken glas van autoruiten vaak te vinden in Hackney, een deelgemeente van Londen.

Keren we terug naar de grote vier, maar dan op commercieel vlak. Een band zonder platenlabel zou nergens staan en dus zochten ze elk op hun beurt naar een melkkoe. Decca vergiste zich schromelijk op nieuwjaarsdag 1962 door de Beatles niet te accepteren. Gelukkig beet hun manager zich als een pitbull vast in de jongens en bleef hij de Londense labels afschuimen. EMI wees hem de deur, maar Parlophone een onderdeel van EMI liet hen via de achterdeur toch binnen. Decca maakte een en ander goed door de Rolling Stones binnen te halen. Al wouden ze er nooit evenveel aan verdienen als EMI aan de Beatles. Pey was een andere van de vier grote labels en daar vonden de Kinks een thuis. Bleef nog de vierde over, die eerder een Europees, lees Duits, label was, namelijk Polygram met als bekendste label Polydor. De Who zaten dan wel oorspronkelijk bij Brunswick en later bij Track, allemaal labels die verdeeld werden door Polydor buiten de UK. Onze Tommy werd hier uitgebracht op Polydor.

Wat is er van al deze labels geworden? Er vonden heel wat overnames plaats en opslorpingen van kleine labels. Ook de Amerikanen zaten niet stil , en op de duur stonden de Japanners voor de deur. Op dit ogenblik wordt de koek verdeeld door Sony (waarin o.a. CBS opging), Warner Bros en Universal; Deze twee laatste verdeelde EMI de vierde onder hun beide. Parlophone ging niet naar Universal maar naar Warner, omdat de EU dat zo wilde. Zij wilden voorkomen dat de markt te eenzijdig zou worden. Wie als klein onafhankelijk label treden deze drie nog wil opboksen zal verdomd goed uit de hoek moeten komen.

Concerten: Van Morrison – Koninklijk Circus

Dat het toch nog beter kon dan op de eerste rij staan bij een Led Zeppelin concert nu alweer meer dan 15 jaar geleden, daar had ik niet meer op gehoopt. En toch stoel 18 op rij 1 viel best mee, ook al was “de zanger”, klein van gestalte af en toe verborgen achter zijn muziekstaander.
Vandaag nog zeven euro uitgegeven aan parkeergeld, en daarmee was de opbrengst van de verkoop van mijn afgekeurde Peugeot, met maar liefst 475.000 km op de teller, opgesoupeerd. Kort nadat een koppel Polen met mijn doorleefd bakje de straat was uitgereden, na handjeklap…. 100 euro, nee 150 euro, laat het ons splitten in 125…. en dat was net genoeg om er een volgende vrijdagochtend een ticket voor Van Morrison met te scoren. Wat ik ook deed, waarna het in een kast belande bij dat andere nog niet opgebruikte ticket voor John Fogerty.
Pas vandaag realiseerde ik mij bij het downloaden op de smartphone, jawel zo gaat dat tegenwoordig, dat er op het ticket stond: Koninklijk Circus, Parterre Rij 1 stoel 18. Een plaats waar je met je knieën pal tegen het podium aanzat. Geen frontstage, mijnheer, geen fotografen. Over de luidsprekers liet een wat sonore stem horen dat phones dienden uitgezet te worden, en dat fotograferen verboden was. En geloof mij vrij quasi niemand op die eerste paar rijen haalde een smartphone boven, want zeg nu zelf, wie zou het op zijn kerfstok willen hebben dat Van Morrison zich na een paar minuten op zijn hielen zou draaien en als meneer nukkig het podium zou verlaten? Want dat Morrison “een karakter” heeft weet intussen iedereen. Je maakt met hem goede, soms interessante, en soms merkwaardige concerten mee, om het voorzichtig uit te drukken.
Vanaf mijn zitplaats, op enkele armlengtes van de man, heb ik vandaag geleerd hoe Van functioneert. Ik lees het al in de verslagen… er kon weer geen glimlach af. Klopt Morrison kwam op verscholen achter een donkere bril, lachte niet, lachte nooit, maar… was daarentegen voor de volle honderd procent bezig met zijn band en zijn muziek. Zelfs applaus, en er was zeer veel applaus, liet hij amper toe. Het ene nummer liep bijna over in het andere. Wie in de band van deze artiest wil overleven kan maar beter aandachtig, zeer aandachtig zijn. Van Morrison is niet alleen zanger, muzikant (gitaar, mondharmonica, saxofoon), maar ook dirigent en regisseur van de band. De bassist mag dan wel bandleider zijn, de vele signalen die tussen de basser en Van worden uitgewisseld zijn legio. Vaak zien we hem zelfs met de rug naar het publiek staan. Hij is dan bezig met luisteren en bijsturen van een van de bandleden die een solootje mag plegen. En dat waren er nogal wat. De band bestond uit een wat jongere toetsenist, violist en backing zangeres. De drummer, gitarist/pedal steel gitarist, bassist en washboard/tabla muzikanten hadden een pak jaren meer op de teller staan. Al bij al een geoliede machine.
Van Morrison blijft verbazen, en dat deed hij ook nu weer door GEEN ENKELE song te spelen waar zeker een groot percentage van het publiek zat op te wachten. Neen dit was de skiffleband waarmee hij zijn laatste dubbel LP/CD opnam, en dat hebben we geweten, want hij verblijde ons op die plaat en die plaat alleen.
Morrison sluit de cirkel waarmee het ooit begon. Eenvoudige skiffle gebracht door doorgaans een kwartet dat bestond uit washboard, banjo, akoestische bas al dan niet gebouwd met een theekist en een bezemsteel, en “iets” waarop je ritme kon slaan. In de band die we vandaag zagen waren al die instrumenten aanwezig, al bestond de akoestische bas niet meer uit een theekist en waren de snaarinstrumenten van beste kwaliteit. Al bij het eerste nummer haalde Van zijn mondharmonica boven. Het ding wilde eerst niet echt mee, en Van schudde er wat mee als het ware om de juiste toon te vinden, en dat lukte.
Het album kocht ik, en liet het enkele weken sudderen, vanwege geen cd-speler meer in de nieuwe kar. Maar eens gedigitaliseerd en beluisterd, was ik even van mijn melk. Geef toe nogal wat van die oude rakkers, waartoe ik Dylan, McCartney en Springsteen reken blijven nieuwe platen uitbrengen, die nog zelden een wow gevoel oproepen. Moving on skiffle, deed dat wel, al om te beginnen omdat het een vrij uitgebreide selectie songs betreft, maar veel meer nog omdat de stem van de man zo formidabel jeugdig blijft klinken. Een van de tracks, Gypsy Davy draaide ik driemaal na elkaar. Iemand moet John Peel overtreffen die ooit op de radio tweemaal na elkaar een van de eerste nummers van de Undertones dierf in de ether gooien. Als er ooit een nummer de titel zomerhit waard is dan is het Gypsy Davy. En dan No other baby van de Britse skifflegroep Vipers wat ooit al een remake mocht meemaken via Paul McCartney die zich had omringd met oude rockers uit de band van Johnny Kidd, een Purple drummer waaronder gitarist David Gilmour. Ze brachten het zelfs live in de Cavern of all places. Van gooit er onmiddellijk een brok mondharmonica in laat het nummer naar het einde toe tot ongelofelijke hoogten stijgen wanneer hij de sax omgordt.

Herwig Goeman, die in 2023 een dertig jaar oud concert van Irish Coffee op de wereld losliet vatte het concert als volgt samen : ‘Gisteren wreed genoten van “Van The Man” en zijn voortreffelijke band , wie zijn laatste album “Moving On Skiffle” niet kende kon het in de Cirque Royal leren kennen. Sommige nummers kwamen live beter tot hun recht dan op plaat vond ik. Zijn stem is nog altijd hetzelfde en hij heeft zelfs niet gemompeld deze keer , twee of zelfs 3 keer “thank you” gezegd en ik verdenk er hem zelfs van dat hij zich amuseerde, dikke helft van de nummers hoogtepunten….hij mag nog komen.’

Muzikanten: Seth Lakeman, viool, speelde oa op Carrie Fire van Robert Plant en toerde met Plant. Gitarist Dave Kerry speelt al sinds 2010 bij Van Morrison. De hoesnota’s werden geschreven door Jimmy Page, die ooit zijn carrière startte in de dagen van de skiffle.

Overzicht muziek 2023
TitelUitvoerderVolgordedatumGenreDrager
The return of the legendary IC in ConcertIrish Coffee1 RockCD
Moving on skiffleVan Morrison 2 RockCD
Hackney DiamondsThe Rolling Stones 32023RockCD
24 nights blues Eric Clapton4 BluesCD
Who’s next / Life HouseThe Who 5 rockCD
Chrome dreamsNeil Young62023RockCD
Live at the Fillmore 1997Tom Petty & the  7 RockCD
Bitches Brew 40th anniversary editionMiles Davis 8 jazzCD
Original Album Classics  (5 lp’s)Mahavihnu Orhestra 9 jazzCD/BOX
Emergency! The Tony Williams Lifetime 10 JazzCD
At the  Royal Albert HallCreedence Clearwater 112022RockCD
The Dark side of the Moon live 1974 Pink Floyd 12 RockCD
Eat a peachThe Allman Brothers Band13 rockLP
WindverenBoudewijn De Groot 142022RockCD
Now serving Royal tea Live from the Ryman Joe Bonnamassa 15 BluesCD
Live at Bill Graham’s Fillmore WestMike Bloomfield  16 BluesCD
HejiraJoni Mitchell 17 rockLP
live at Newport 1962Muddy Waters 18 BluesCD
The Broadcast Collection 1964-1968 The Animals 19 rockCD
The London Howlin’ Wolf SessionsHowlin Wolf 20 BluesCD
rockin’ my life awayGeorge Thorogood & the Destroyers 21 RockCD
The broadcast collection 1967-1970  Pink Floyd 22 rockCD
John’s SonsJohn’s Sons23 RockCD
Joni MitchellJoni Mitchell 24 RockCD
MerseysoundCompilatie25 rockLP
White bycicles making music in the 1960sWhite bycicles making music in the 1960s26 CompilCD
Love devotion and surenderJohn McLaughlin & Carlos Santana 27 BluesCD
Tina Turner 60-90Tina Turner28 SoulCD
The Beatles StoryThe Beatles 29 rockLP
Just one night (Live at Budokan 79) Eric Clapton30 bluesCD
Story In concert through the years Donne Warwick31 soullLP
My Generation (deluxe edition) The Who 32 RockCD
Dusty sings soulDusty Springfield33 RockCD
WoundedDavid McWilliams 34 rockLP
Meeting coloursPhilip Catherine Bert Joris Brussels Jazz Orchestra 35 jazzCD
Sonny Boy Williamson & the Yardbirds with ECSonny Boy Williamson & the Yardbirds 36 bluesCD
Back in the Motherland The 1988 Toronto BroadcastLeonard Cohen 37 rockCD
“Hoochie Coochie Man” Muddy Waters 38 bluesCD
To our childerens Childeren ChilderenThe Moody Blues39 RockCD
SaouleFrancoise Hardy40 rockLP
Chapter and verse Bruce Springsteen 41 RockCD
Having a Rave UpThe Yardbirds 42 RockCD
For the RosesJoni Mitchell 43 rockLP
Stumble into graceEmmylou Harris44 RockCD
Nine Lives Limited edition Steve Winwood 45 RockCD/DVD
The Greatest hits of PJ Proby 46 rockLP
Al Di Miola the collectionAl Di Miola47 BluesCD
Gene’s Solo fligthtGene Krupa 48 jazzCD
LeevendUrbanus van Anus 49 RockLP
Barabajagal Donovan 50 rockLP
Live and MoreDonna Summer51 discoLP
El Fish & Roland El Fish & Roland52 bluesCD
Elite Hotel Emmylou Harris53 RockCD
Anderson,Bruford, Wakeman, HoweAnderson,Bruford, Wakeman, Howe 54 RockCD
A tribute to heroesAmerica55 CompilCD
British Rock ‘n’ Roll at Decca  Volume 2Compilatie56 RockCD
Happy Being Lonely / The Fantastic Chi-Lites The Chi-Lites 57 soulCD
Ferre GrignardFerre Grignard 358 rockLP
Message PersonnelFrancoise Hardy59 rockLP
Man of words, man of musicRichard Harris 60 RockCD
the Decca stereo anthology The Zombies 61 rockCD
Texas troubadourTownes Van Zandt 62 RockCD
The Island StoryThe Island Story63 CompilCD
Blows a fuse Earl Bostic 64 jazzCD
The world’s greatest rock n’ roll drummer Earl Palmer Backbeat 65 rockCD
Silk Degrees  Bozz Scaggs 66 rockLP
R& B at Abbey Road Compilatie67 CompilCD
Ooh la ba an Island harvest Ronnie Lane Slim Chance 68 RockCD
the 50th Anniversary Collection Sun Records69 CompilCD
10.000 light years Ago John Lodge 70 RockCD
je kan nooit weten Miek en Roel + Roland 71 rockLP
Greatest Hits O.C. Smith’s 72 rockLP
American favorite ballads 1 Pete Seeger 73 folkCD
Journey to the center of the earth Rick Wakeman 74 RockCD
farewell Angelina Joan  Baez 75 folkLP
Overzicht Concerten 2023
ArtiestLokatieVolgordedatumGenreType
Van MorrisonKoninklijk Circus15/julmuziekconcert
John FogertySportpaleis28/junmuziekconcert
Beth HartStadsfeestzaal Antwerpen313/junMuziekconcert
Dizzy FingersHerzele Burcht425/julMuziekconcert
Roland + Nils Decaster en Sarah DesmedtKoning Ezel52/aprMuziekconcert
Derek and the DirtHerzele Burcht61/augmuziekconcert
Len & LisaHerzele Burcht71/augmuziekconcert
KadrilMaarke-Kerkem810/augMuziekconcert
Augustijn VermandereEname NOXX98/julMuziekconcert
Nils De Caster en Sarah De SmedtSint-Martens-Laatem1023/aprMuziekconcert
Overzicht boeken over muziek 2023
TitelSchrijverVolgnrdatumGenreType
In his own write John Lennon114/sepBooksMuziek
Liddypool birthplace of the Beatles David Bedford214/sepBooksMuziek
Eerste sneeuw alle liedteksten met exclusieve CDLieven Tavwrnier325/aprBooksMuziek
Met vallen en opstaan  de memoires Jean Blaute49/novBooksMuziek
The despair of monkeys and other trifles Francoise Hardy514/sepBooksMuziek
memories, dreams & reflectionsMarianne Faithfull 624/sepBooksMuziek
Jennifer Juniper A journey beyond the museJenny Boyd 714/sepBooksMuziek
Charlie’s Good Tonight The authorozed biography of Charlie Watts Paul Sexton 823/sepBooksMuziek
The complete guide to the music of Neil YoungJohnny Rogan 914/sepBooksMuziek
Luc De VosLéon Verdonschot109/augBooksMuziek
Overzicht boeken molens 2023
TitelSchrijverVolgnrdatumGenreType
Paul Bauters Eeuwen onder wind en wolken112/augBooksMolens
Paul Bauters Kracht van Wind en Water Molens in Vlaanderen216/mrtBooksmolens
Woordenboek van de Vlaamse dialecten Aflevering 5 De molenaar330/augBooksMolens
M.I. Batten English Windmills Volume I417/sepBooksmolens
Oost-Vlaanderen Monumentenzorg en Cultuurpatrimonium 515/decBooksMolens
Beschermde Monumenten in Oost-Vlaanderen Arondissement Aalst-Oudenaarde615/decBooksMolens
Beschermde Monumenten in Oost-Vlaanderen Arondissement Gent715/decBooksMolens
Beschermde Monumenten in Oost-Vlaanderen Arondissement eeklo Sint-Nijklaas Dendermonde815/decBooksMolens
BraetHet geslacht  Braet door de eeuwen heen914/meiBooksMolens
Holemans molens van de Noorderkempen1012/augBooksMolens


Molenstraten, waar kom je ze nog tegen?

Molens, Steen der filosofen Posted on 21 dec, 2023 13:55

Om maar meteen met de deur in huis te vallen; waar ligt de Molenstraat in ons dorp (sic) Lede? Gelukkig was nog een zichtbare molenberg, weliswaar zonder molen, en men heeft er dus maar een Molenbergstraat van gemaakt. In alle deelgemeentes van Aalst werd er met de hakbijl doorgegaan, en moesten op een na alle Molenstraten er aan geloven, terwille van de Molenstraat in de stad zelf, waar al jaren geen molens meer staan,en zelfs het water waarvan ze zich bedienden er niet meer is. Laat ons een bloem, laat ons een Molenstraat, laat namen als Molenbeek, Molenbeersel of Moulbaix a.u.b. toch voortbestaan.

Lieven Tavernier zingt gelukkig nog altijd over de Molenstraat (*)

… . en toen de morgen kwam, stond ik plotseling in de Molenstraat… . Het is geen Highway 61, geen Rue St.-Honoré, het is geen Keyserlei of Kalverstraat, er staan alleen wat bomen langs de weg een voor de rest een straatnaambordje… .

… .. In de verte luidt een klok, een tractor die vertrekt, en verder nog wat vogels op een draad, en ik moest in mijn leven zoveel wegen op en af om hier o.i. aan te komen in de Molenstraat.

Molenweg of eerder Molen Weg?

Hebben wij een probleem?

Neem nu de kleine geschiedschrijver, de lokale Heemkundige, of zelfs de jong gepensioneerd tijdverdrijf zoekende mens op zoek naar informatie over zijn of haar gemeente en/of familie. Verenigingen voor familiekunde of heemkunde beschikken over archieven waar je makkelijk kan terugvinden waar bijvoorbeeld grootvaders geboortehuis of zijn eerste zelf opgetrokken woning stond. Wie zich ter plaatse begeeft zal vaak vaststellen dat noch straat noch huisnummer nog te vinden zijn. Een van de voornaamste oorzaken van dit probleem is te zoeken in de talrijke fusies die gebeurden begin jaren zeventig, en later. In het beste geval werd de oude gemeentenaam nog verwerkt in de nieuwe naam van de fusiegemeente of wordt er naar verwezen via een toeristisch straatnaambord.

In België wil men elk individu identificeren via een zo kort als mogelijk adressering. Dit leidt er toe dat na elke fusie nodig op zoek moet naar nieuwe unieke namen voor starten en “nieuwe” gemeentes. Lievegem, Kruisem, en in de toekomst mogelijk Pajottegem zij hiervan sprekende voorbeelden. Afgrijselijke hersenspinsels, waar niemand gelukkig van wordt. Om nog maar te zwijgen van de gevolgen. Probeer maar het centrum van Erpe-Mere te vinden. In het beste geval ligt het nieuwe centrum in een van de deelgemeentes en vallen de kleinere satelietgemeentes uit de boot. Behoudt men een naam van pakweg de grootste deelgemeente, dan blijven de inwoners dit vijftig jaar later steevast zien als “hun” gemeente en vergeten ze de inwoners van de “sateliet-dorpen”. Een bewoner van Schellebelle een Wichelaar noemen, dat lukt nog altijd niet. En staat de Tukmolen nu in Maarkedal of toch nog in Etikhove?

Verandering roept weerstand op.

Wie o.i. wat las over “change management” , wijzigingsbeheer weet dat dit een van de lastigste processen is in het geheel van procesmanagement. Schijnbaar zit het ingebakken in de mens zich te verzetten tegen elke vorm van verandering, zelfs als dit in hun voordeel is. In een breder perspectief mag men gerust stellen dat zolang er grenzen zullen bestaan er heibel of zelfs oorlog zal worden gevoerd. Wat van ons is blijft van ons. Op gemeentelijk vlak beseffen burgervaders en schepenen maar al te goed dat schaalvergroting ook met afbouw van hun eigen macht of “postje” gepaard gaat.

Fusies zijn noodzakelijk. Dat zou geen enkel weldenkend individu mogen ontkennen. Door schaalvergroting wordt het makkelijker om te schrappen in de uitgaven. Bijvoorbeeld in de al hoger geciteerde weddes van burgemeester en schepnen, die we al te dikwijls meerdere keren tegenkomen in intercommunales waarvan we ons afvragen of die na grotere fusies nog echt noodzakelijk zijn? Materiaal kan in grotere aantallen met korting worden gekocht.

Op grechtelijk vlak hebben we verder in ons land al grotere omschrijvingen. Kantons en arrondissementen waar Jan Modaal alleen met te maken krijgt als hij of zij ter stembusse mag trekken. Waarom fusies van gemeentes niet laten samenvallen met die omschrijvingen. Het is maar een overweging.

Nog een heikel punt bij het nog altijd te beperkt aantal fusies is te vinden in de portemonnee van de burger. Welke inwoner van een buurgemeente van een grotere stad wil daar deel van uitmaken wanneer duidelijk is dat opcentiemen en grondbelastingen er vaak ettelijke procenten hoger zijn? Dat tonen enquêtes onder de burgers van bijvoorbeeld Kruisem en Kluisbergen aan. Wij samen met Oudenaarde, vergeet het maar… . Is het eigenlijk wel democratisch dat in ons land de ene burger meer gemeentetaksen betaalt dan de andere? Is het verantwoord dat snelheidsbeperkingen voor een zelfde weg in de ene gemeente verschillend zijn met die in de buurgemeente? Of dat de aanleg van de weg verschillend is, of dat er in de ene gemeente straatverlichting werd aangebracht die plots ophoudt bij “de grens” van de gemeente? En dan hebben we het nog niet gehad over verkeersregels zoals voorrang van rechts in buurgemeentes die zich in een en dezelfde politiezone bevinden. Of de hond die wel dan niet na tien uur ’s avonds nog mag blaffen. Het lijkt wel alsof men constant het IQ van de burger op de proef wil stellen. Of ligt het aan het IQ van wie het voor het zeggen heeft in al die kaboutergemeentes? Het is maar een vraag.

Genoeg ontleedt. Keren we terug naar de kern van dit betoog. Waarom is het nodig dat alle Kerk- Nieuw- en Molenstraten moeten wijzigen van naam, door een fusie, terwijl dit louter administratief te regelen valt. Schaalvergroting, besparen, beter bestuur. Wij herinneren ons nog het verhaal van een Hongaarse molenvriend die in de Transylvaanse regio op bezoek ging bij een groottante, die tijdens haar leven in vijf verschillende landen had gewoond… . Zij was wel nooit uit haar geboortehuis geweest.

Kan het anders?

Wij hoeven niet een zo ver te gaan om te kijken hoe het anders kan. Nederland wijst de weg. Consultatie van Wikipedia leert ons dat de woonplaats de aanduiding is van de vestigingsplaats zoals in de postale adressering gebruikelijk is. Wat betekent dit concreet? Bij verder lezen zien wij dat een adres in Nederland bestaat uit woonplaats, straat en huisnummer. Is dit dan zo verschillend met ons land? Jawel, want in Nederland bepalen gemeentes hoe hun grondgebied is onderverdeeld in woonplaatsen. En daar gaat het om: een gemeente kan dus bestaan uit verschillende woonplaatsen. Wij zouden dat dan gemeentes en deelgemeentes kunnen noemen.

In Nederland waren er op 1 januari 2015 393 gemeentes verdeeld in 2499 woonplaatsen. Per 1 januari 2023 waren er nog 342 gemeentes en 2501 woonplaatsen. Wij stellen dus vast dat ook daar fusies gebeuren, maar dat heeft amper impact op het aantal woonplaatsen. Om het nog concreter te maken: Zeeuws-Vlaanderen telt op haar grondgebied nog drie gemeentes: Sluis, Hulst en Terneuzen. Binnen deze drie gemeentes treffen wij veertien postcodes aan. Het Nederlandse postcodesysteem dat bestaat uit vier cijfers en twee letters laat toe om wanneer gecombineerd met een huisnummer, elke geadresseerde te identificeren, zelfs zonder straatnaam of woonplaats er bij te vermelden. Bij een fusie binnen dit systeem is het niet nodig te sleutelen aan straatnamen en huisnummers. Wij stonden er bij en keken er naar.

Per slot van rekening gaat het in deze kwestie toch alleen om administratieve fusies met al dan niet een extra aanduiding door een nummer. Zelfs provincies, arrondissementen voeren ook een speciaal nummer, net als overheidsinstellingen zoals de VRT, het Europees Parlement of zelfs Sinterklaas (0612).

Besluit: blijf van onze straatnamen, laat onze Molenstraten verder bestaan. Al jaren beschikken wij over een ministerie van Administratieve Vereenvoudiging, thans geleidt door Mathieu Michel, juist zoon en broer van. Het blijft zoeken met een vergrootglas naar resultaten. Misschien moeten ze die maar naar Nederland sturen op onderzoek.

(*) Bron: https://muzikum.eu/nl/lieven-tavernier/molenstraat-songtekst



Irish Coffee …. de laatste?

Classic rock, dagblog Posted on 14 apr, 2023 13:37

In memoriam William Souffreau 1946-2023

In de vroege jaren tachtig was het, tijdens een zonnige zaterdagnamiddag, pootte een vrouw uit de Koolstraat op de Aalsterse Grote Markt een kraam, met daarop verschillende bakken gevuld met diverse, zeer goed bewaarde, 45-toerenplaatjes. Zij verkocht de gedurende dertig jaar, door haar man, die veel te vroeg gestorven was, bijeengespaarde collectie vinylplaatjes. Alles netjes gerangschikt, voorzien van plastic hoesjes, en zelfs kartonnetjes ter versteviging. Een prijs. 50 frank vroeg ze voor een plaatje. Wij begonnen aan de rechterkant van het kraam de bakken te doorzoeken, en vonden ‘Rock and Roll Music’ in originele jaren vijftig uitgave van ‘Chuck Berry’, ‘Gimme some lovin’ van de ‘Spencer Davis Group’, en nog veel meer moois. Aan de andere kant van het kraam haalde ‘William Souffreau’, er de ene na de andere ‘Beatles’ eepee uit. Allemaal uitgaves op het ‘Parlophone label’. Je zal maar geluk hebben, was het enige wat wij er bij konden bedenken. Wat later diezelfde namiddag aan de toog in het ‘Pompierken’, vertelde William ons nog dat hij een stevige Beatles fan was, maar dat het voor hem allemaal zo’n zes zeven jaar eerder was gestart met ‘Elvis’, Chuck Berry en ‘Eddie Cochran’. Tot dan toe hadden wij er nooit bij stilgestaan dat William al een kleine generatie eerder bezig was met muziek. Voor ons was William toen nog synoniem met de progressieve muziek van ‘Led Zeppelin’, ‘Spooky Tooth’, ‘Free’ en meer van dat slag bands van begin jaren zeventig. Pas vele jaren later raakte algemeen bekend wat de voorgeschiedenis van William Souffreau was. Dat hij van de ‘Kinks’ hield en in de ‘Mings’ en de F’our Rockets’ had gespeeld in de jaren zestig toen wij nog volop in korte broek rondliepen.

Archief auteur

Irish Coffee 1970-1972

Als een donderslag bij heldere hemel, begint het voor ons op zondag 15 november 1970, in ‘Jeugdhuis Leeuwerik’ te ‘Lede’, waar de ‘Voodoo’ optreedt. De eerste band die we hoorden, waarvan we konden zeggen dat die “onze geliefde muziek” speelde. Nummers uit lp’s die wij koesterden. Ze bevonden zich aan de vooravond van hun eerste single die ze net hadden ingeblikt. In de daaropvolgende weken vervelde de Voodoo plots in ‘Irish Coffee’. Een naam die we in het begin als behoorlijk vreemd ervoeren, en behoorlijk minder tot de verbeelding sprak dan het lekker klinkende Voodoo. Voodoo was zeker geen uitzonderlijke naam in het rockwereldje. ‘Black Sabbath’ of ‘Spirit’ en ‘Black Widow’ waren namen die we kenden van het pas verschenen promotie album van ‘CBS’: ‘Fill your head with Rock’. Voor ons klonk Irish Coffee eerder stomweg als de naam van een veredelde koffie, of niet soms? Het verhaal ging al snel rond, dat de naamswijziging nodig was, omdat ze een LP hadden opgenomen waarmee de doorbraak in de States zou worden geforceerd. Het was allemaal de schuld van ‘Louis De Vries’, hun toenmalige manager, die ook de ‘Pebbles’ onder zijn vleugels had. Intussen zijn we de naam Irish Coffee meer dan gewoon geraakt, en geen enkele rockfanaat in ons land denkt daarbij nog aan koffie.
De band repeteerde In de periode van 1970 tot 1972 in Lede in het ‘Brouwershuis’, de vroegere bioscoopzaal ‘Patria’, waar in de dagen van ‘patron Norbert’ regelmatig werd gefuifd. Historische optredens vonden er plaats waarbij op een affiche zowel ‘John Woolley & Just Born’ als Irish Coffee voorkwamen. Die 17de januari in 1971 was het publiek verdeeld in twee kampen, precies zoals het zes jaar eerder voorkwam over de plas bij optredens van “Stones en Beatles”. Woolley werd in die dagen eerder beschouwd als pop zanger terwijl het langharige publiek op haar beurt Irish Coffee beschouwde als “de” heilige graal. Naast Wiliam Souffreau, zang en gitaar bestond de band uit ‘Jean Van Der Schueren’ op sologitaar, organist ‘Paul Lambert’, bassist ‘Willy De Bisschop ‘ en lokale Leedse drummer, ‘Hugo Verhoye’. Hun titelloze lp verkocht te Lede als zoetebroodjes, en niemand vermoedde dat jaren later Japanners en Amerikanen de streek zouden uitkammen om er exemplaren op de kop te tikken die op dat ogenblik voor minstens 500 euro van eigenaar wisselden. Het succes van Irish Coffee was voornamelijk te wijten aan het formidabele gitaarspel van Jean, het via leslie versterkte orgel van Paul Lambert en het gouden keelgat van William.
Lede was voor een tijdje het epicentrum van Irish Coffee met optredens georganiseerd door de Schellebelse ‘DJ Ludaro’ (voorheen zanger ‘Jacky River’ met de ‘Black Devils’, en latere bezieler van het op trouwpartijen alom aanwezige L’udwig’s Discotheek’), en de Leedse ‘DJ Daheera’ van het toenmalige M’usical Born’ (organisator van het op 31 oktober 1971 in de kelder van het ‘Groen Kruis’ gehouden ‘Pop-Aalst ’71’). 20 december 1970, 28 februari 1971, 4 april 1970, 26 september 1971, data van enkele zeer gesmaakte concerten van Irish Coffee in zaal Brouwershuis, waar ze n die dagen ook voor de ‘VRT’ door ‘Zaki’ werden geintervieuwd.
Wie er bij was, zag de nu legendarische LP Irish Coffee worden geboren. Speelden de Voodoo en de beginnende Irish Coffee voornamelijk covers van ‘Free’, ‘Spooky Tooth’, ‘Humble Pie’ dan evolueerde dit naar nummers als T’he Beginning Or The End’ en uiteraard ‘Masterpiece’ en ‘The Show.’
Helaas leidde het succes van de band ertoe dat zij enerzijds “duurder” werden, en vaak gevraagd werden in vooral Wallonie en Frankrijk. Wij, het lokale publiek, zagen Irish Coffee uit onze handen glippen, en voelden ons als ‘Liverpudlians’ die meemaakten hoe de Beatles de ‘Cavern’ ontgroeiden.

Irish Coffee 1973-1975

De band die de legendarische LP opname speelde amper twee jaar samen. Een tweede single ‘Carry On’, haalde nog amper de radiogolven, en regelmatig doken ze het cafe van Norbert binnen met de legendarische woorden: “we zijn gesplit”. Splitten was in die dagen als het ware een modewoord. Uiteindelijk hield drummer Hugo het voor bekeken en werd vervangen door ‘Raf Lenssens.’ Er volgde een derde single ‘Down Down’ met op de B-kant het meesterlijke ‘I’m Alive’ waarna ook Jean het voor bekeken hield en L’uc De Clus’ de zes snaren plank overnam. Er volgden nog een laatste single ‘Witchy Lady’, maar de grote doorbraak in de rest van de wereld, buiten Frankrijk greep nooit plaats.
Stilaan verminderden de optredens en speelden de muzikanten ondermeer in de begeleidingsband van Wetteraar ‘Wim De Craene’. Mooie herinneringen hebben wij nog aan het voorlaatste optreden van Luc, Paul en Raf dat zij op 31 oktober 1974 gaven te Sint-Lievens-Esse in ‘Dancing Discovaria’, gelegen naast de legendarische danstempel ‘De Truweel’, waar ‘Zottegemse Miele’ een voorprogramma verzorgde voor ‘Johan Verminnen’ en Wim De Craene. Een nacht later, op de terugweg vanuit Limburg na hun laatste optreden waren werden ze slachtoffers van een fataal ongeluk waarbij een dronken chauffeur hen frontaal aanreed en Paul Lambert het leven liet. Ook Raf was er een tijdlang slecht aan toe.

William Souffreau nam in 1973 samen met Diane, zijn echtgenote, in Aalst de ‘Bar Amber’ over, waar voordien ‘Vader’ en later de vroegere garcon van Vader, ‘Gilbert’, achter de toog hadden gestaan. Bijna drie jaar lang werd dit het stamcafé van iedereen die een jongerencafé zocht met ‘deftige’ muziek op de jukebox. Vanaf oktober ’75 nam de ‘Ferre ‘de fakkel over en introduceerde er het betere lp werk.

We vinden William nadien nog terug in de ‘Alegro Ma Non Tropo’, en in een café waarvan de naam ons ontsnapt tegenover de ‘Aa keirk’ ofte de Sint Martinuskerk.

Irish Coffee-loze tijd 1976-1990

De lokale weekkrant Voorpost interviewt William aan de vooravond van een eerste solostart waarin hij laat weten te werken aan een single en een LP die zullen uitgebracht worden via het ‘BASF’ label onder leiding van ‘Romain De Smet’. De Smet ook bekend van ‘Cindy (Nelson)’ die eveneens op datzelfde label platen uitbracht, en twintig jaar later een duet met William zal opnemen. Zaterdag 1 maart 1975 treedt William solo op in het ‘Kultureel Centrum’ te Affligem in het voorprogramma van Johan Verminnen.
Een jaar later komt de lp ‘Raarlst’ op de markt. Een productie van William en ‘Luc Ardyns’ (Just Born) waarop 12 lokale groepen worden gepromoot. Een van de nummers, ‘Amber’, wordt door William zelf gebracht. 29 mei 1976 staat William op het podium met oud-collega Jean Van Der Schueren in de Denderleeuwse jeugdhonk ‘Parnassos’ onder de noemer “Rock and Classic”

Vanaf 1978 vinden we de ‘Soef’ terug in een aantal bandjes die nooit het legendarisch succes van Irish Coffee halen: ‘Joystick’ werd steevast aangekondigd als (ex-Irish Coffee). William en Raf Lensens gingen in zee met zanger ‘Tony Boast’ en vormden vanaf 1978 de band Joystick. Daarna kwam ‘Oh Boy’ voornamelijk gekend als coverband. Jaren later maakt William gedurende zijn solocarriere af en toe leuke uitstapjes met ‘Blink-It’, de ‘Moonlovers’ en de ‘Rockabilly Rhythm Revue.’ Een aantal jaren treedt hij voor het voetlicht aan de zijde van ‘Kloot PerW’.
Zaterdag 29 juni 1991 brengt William Souffreau een countryprogramma samen met ‘Wigbert van Lierde.’ Die avond in de ‘Mikisclub’ kregen we een aan de ‘Everly Brothers’ herinnerende set gepresenteerd.

Irish Coffee 1993

William hield van afwisseling en haalde af en toe Irish Coffee uit de mottenballen. De band released hun eerste en enige lp op CD, aangevuld met de vier singles en b-kantjes. Ook het nummer Masterpiece was daar eindelijk bij, want dit was niet meegenomen op de originele LP. Omdat de originele banden niet terug te vinden waren, werd gebruik gemaakt van een aantal zeer gave vinylexemplaren. Bij die gelegenheid treedt de band (versie met Luc De Clus), op 9 juli 1993 aan in zaal Netwerk. Alweer is er sprake van een legendarisch optreden. Wie er was koestert nog steeds de herinnering,… en het kaartje met daarop het LP logo.

Archief auteur

Vanaf 1990 gaat William officieel solo. Vooral zijn allereerste soloworp werd goed ontvangen door de toenmalige BRT, en vaak hoorde je het nummer ‘We all must get together’ uit ‘Under a Belgian moon’. William werd op zijn eerste soloworpen bijgestaan door de recent overleden ‘Top Topham’, de allereerste gitarist van de ‘Yardbirds’, voor ‘Eric Clapton’. Topham hanteerde opnieuw de gitaar in een aantal recente bezettingen van de Yardbirds.

4 Februari 1995 stelt William ‘In My Room’ live voor in ‘De Werf’. Bij die gelegeheid komt Cindy Nelson haar duet live inzingen.

Archief auteur

Irish Coffee 2002-2022

Op 5 oktober 2002 speelde de band in de Florahallen. We zagen hen als voorprogramma voor ‘Golden Earring’. Lager op de affiche stond ‘Golden Green’, band met ‘Kris Van der Cammen’.
Over naar 2005 wanneer de band optreedt in het Duitse ‘Rockpalast’, uitgegeven op zowel DVD als CD. Ook in deze reïncarnatie speelt Luc De Clus.

In 2007 te Lede in zaal Intermezzo concerteert hij akoestisch samen met Jean Van Der Schueren. Zij brengen er ondermeer The Show.

De Werf stond garant in 2013 voor enkele reunieconcerten van Aalsterse bands. ‘Isopoda, John Woolley & Just Born, ‘Lavvi Ebbel’ en Irish Coffee stonden toen tijdens een tweedaags gebeuren op de affiche. Voor de gelegenheid traden ook een aantal oudleden voor de spotlights waaronder Jean Van Der Schueren. Een maxi-CD inclusief interviews verscheen bij die gelegenheid. Werden er van die concerten opnames gemaakt door de Werf? Wij blijven het hopen.

Vanaf 2002 wordt nieuw materiaal uitgebracht.
Achtereenvolgens in 2004 ‘Irish Coffee II’ versie met Luc De Clus. In 2013 ‘Irish Coffee Revisited III ‘met een gloednieuwe band waarin Kris Van Der Cammen en ‘Franky Cooreman’, in 2015 ‘When The Owl Cries’, en als (voorlopig?) laatste ‘Heaven’ in 2020 in een alweer nieuwe bezetting met gitarist ‘Frank Van Laethem’.

In maart 2014 stelt William een gelegenheidsband samen om samen met het ‘Amber Reunie Team’ (ART) herinneringen op te halen aan de legendarische bar Amber. Ook Ferre is van de partij en vergast het publiek op een progressieve dj-set.
Twee jaar later gaat het Amber Team door, en viert in zaal ‘De Brug’ de zeventigste verjaardag van William, met Aalsterse gastmuzikanten waaronder ‘Jan Oelbrandt’, ‘John Woolley’, ‘Dirk De Schepper ‘en ‘Cas Van Der Taelen’. William speelt tot slot de avond naar een hoogtepunt met een stomende Irish Coffee versie van Whole Lotta Love, opgedragen aan iedereen die er niet meer bij kon zijn. Als herinnering aan Den Amber krijgen we het magistrale ‘They Tore the Playhouse Down’, terug te vinden op Whhen The Owl Cries.


Bronnen:
Onuitgegeven diaries auteur. Archief auteur.
Digitaal krantenarchief Aalst, de Voorpost edities jaren 70.
Discogs en FM-setlists



2022 opluchting en nieuwe verzuchtingen.

Het Lijsternest Posted on 30 jan, 2023 16:05

We hebben 2022 verlaten. Corona lijkt als het ware verdwenen. We kregen er een op zijn poot spelende Poetin voor in de plaats. John Fogerty stelde zijn optreden nog maar eens jaar uit. Bang om zich in Europa te vertonen?
Reizen kon weer, zij het vergezeld van een appje met corona paspoort gegevens. Voor de UK werd het noodzakelijk over een internationale reispas te beschikken. Check-in verloopt overigens vlot, en douane controles verlopen niet anders dan voorheen.
Een langere Welshe vakantie zat er niet in. De kat uit de boom kijken daarentegen….
Zomerse bijeenkomsten in, of all places, Zarlardinge, optredens bijwonen in Klein Zwitserland of bij de Burcht in Herzele. Wij waren er en ontdekten dat ook op lokaal vlak steengoede muziek wordt gespeeld. Slechts twee ‘echte’ concerten op de agenda: Robert Plant en Allison Krauss op het Cactusfestival te Brugge, en dat draaide op niets uit vanwege een grieperige keel van Krauss. Clapton in het Sportpaleis was een succes, een must-see. De dag ervoor het laatste concert van Isopada, en een spetterend Amber Experience Band concert met leden van RockMachine aangevuld met enkele Sisters.

Fietsen langs de Schelde, wandelen in de Kalkense Meersen, of in Bos ‘t Ename. Bankzitten te Griete, Emmadorp, Vlassenbroek, Hay-on-Wye.

Ook dit jaar is het huilen met de pet op bij het bekijken van de jaaroverzichten in Humo, of zelfs in Britse muziekbladen. Artiesten die de weg effenden voor het jonge grut komen nog amper aan bod. Ze zakten weg in niche moerassen. Toch brachten Springsteen, Neil Young, en anderen meer dan beluisterbare platen uit. Zie onze lijst onderaan.
Kringwinkels zijn de ideale vindplaatsen voor wie wat achterstand wil inhalen, of ‘iets uitproberen’. Boeken en platen koop je er nog altijd voor een habbekrats, al zitten er tegenwoordig ook al bij die het wagen om voor een ‘geschalotterde’ ‘Deep Purple in Japan’ 25 euro te vragen, en daar nog mee weg komen ook.
Drie jaar geleden schreef ik dat er nog zoveel valt bij te vullen op gebied van blues en jazz. Dat is behoorlijk gelukt het afgelopen jaar. De canon waarvan sprake komt er aan. Niet die van VL, maar die van Sadeler. Iets om naar uit te kijken.
De Beatles en de Rolling Stones, uit onze jeugd blijven aanwezig. Deze keer door het heruitbrengen van Revolver. Wat de Stones betreft, die verpopten tot de Jagger/Richards band, wnat zeg nu zelf, zonder Charlie.
Platenbeurzen trekken opnieuw volk aan. Vinyl tiert er weliger dan digitale schijfjes.

Wordt het niet stilaan tijd om de omgekeerde beweging in gang te zetten: van huis naar kringwinkel? De collectie begint net iets te groot te worden, maar wat wil je wanneer pakweg alleen nog maar in boekenland zomaar parels uit de lucht vallen. Neem nu het blues lexicon van Aalstenaar Karel Bogaert.
Een dag rondstruinen in Hay-on-Wye, het boekendorp, levert kilo’s papier op. Boeken waarin het waarom van Poetin wordt onderzocht. Hoe stond Lennon tegenover Indische filosofie? Biografieën over Page of Beck die niet te versmaden zijn, en nog in waarde zullen stijgen naarmate rocksterren vallen.

2022 was vooral het jaar waarin Oekraine het erg te verduren kreeg, en waarin wij niet deelnamen aan een molenexcursie in Bulgarije. Als alternatief, zes dagen molens kijken in Vlaanderen en Frans-Vlaanderen in internationaal gezelschap, uit Zwitserland, Estland, Duitsland en Nederland.

Overzicht: aankopen CD’s met voorin het meest recente materiaal.

20Neil Young Sugar Mountain Live at Canterburry House 1968CD
19Deborah Bonham DuchessCD
18David Gilmour Live in GdanskCD
17Dave Edmunds On Guitar … Dave EdmundsCD
16Lieven Tavernier Live in GentCD 
15Van Morrison Roll with the punchesCD
14Van Morrison and Joey Defrancesco You’re driving me crazyCD
13Lieven Tavernier Verloren in de tijdCD 
12John Fogerty Fogerty’s FactoryCD
11Paco and John Live at Montreux + DVDCD
10Eric Clapton Class blues (London RAH concert 1990)CD
9Rod Stewart Tears of HerculesCD
8Springsteen E Street Band The legendary 1979 no nukes concertsCD
7Pink Floyd The Broadcast Collection 1967-1970CD
6Al di Meola The Al Di Meola Project Kiss My AxeCD
5Neil Young ToastCD
4Led Zeppelin The Broadcast Collection 1969-1995CD
3Neil Young World RecordCD
2Brice Springsteen Only the strong surviveCD
1Beth Heart Whole lotta love A tribute to Led ZeppelinCD

Vinyl

10Andy Kim Rock me Gently LP
9Chick Corea Return to forever Light as a featherLP
8Rod Stewart Foot Loose & Fancy Free  LP
7Randy Newman RagtimeLP
6Aretha Franklin Love all the hurt awayLP
5Barry McGuire The world’s lost private citizenLP
4Armand Mooie woordenLP
3The Beatles Rubber SoulLP
2De MuzeLP
1Original Soundtrack Blow Up A Carlo Ponti ProductionLP

Boekenlijst Muziek

24Humo rockdagboek Books
23Guy De Pre De Pre Historie Books
22AVRO’s ToppopBooks
21Leo Blokhuis Berlijn muzikale revolutie Books
20Vinyl De geschiedenis en revival van de grammofoonplaat Books
19Sandra Genijn Jaques Brel De Essentie Books
18Clarence Clemons & Don Reo  Big man Books
17Nico Dijkshoorn Lou Reed en andere goede vriendenBooks
16Leonard Cohen songsBooks
15John PeelBooks
14Flip Vuijsje Mickonomics De zakelijke kracht van de grootste rockband ooitBooks
13Flip Vuijsje John, Paul, Keith & MickBooks
12Zaki smiling sinds humor in de muziekBooks
11Philip Norman John Lennon the life Books
10Bert van de kamp Abcdylan Books
9Bruce Springsteen Books
8Leo Blokhuis City to City Books
7Carmine Appice Drums for everyone Books
6Joe Boyd Backstage in de sixties Books
5A.C. Bhaktivedanta Swami Prabhupada Search for Liberation ft John LennonBooks
4Mike Watkinson & Pete Anderson Crazy Diamond Syd Barrett & the Dawn of Pink Floyd Books
3Ray Coleman Brian Epstein The man who made the BeatlesBooks
2Annette Carson Jeff Beck Crazy Fingers Books
1Mark Blake Bring it on home Peter Grant, Led Zeppelin and Beyond: The story of Rock’s Greatest Manager Books

Overige boeken

10Patrick De Witte PDW Maximum Rede & Bullshit Books
9Etienne Vermeersch  God bestaat nietBooks
8Cyriel Buysse Van een verloren zomerBooks
7Philip Vanoutrive Veldwachters vertellen meneer de champetterBooks
6Lieve Blancquaert FotograafBooks
5Wim Lybaert & Laurens Verbeke De ColumbusBooks
4IBM The Power of Exemple 40 Years of Europa Nostra Books
3William Burroughs Naked Lunch Books
2Davidsfonds Oudenaarde 1708 een stad, een koning, een veldheer Books
1Estland windmillsBooks


De eerste werkdag

Forever Young Posted on 02 nov, 2022 13:30

Vandaag, precies 50 jaar geleden toog ik voor het eerst “echt” aan de slag. De vakantiejobs uit de voorgaande jaren tel ik even niet mee. Dat is voer voor later.

HJet was overigens ook de eerste dag dat ik een voet zette in het Brusselse Centraal Station, en ik trein-pendelaar werd voor tenminste tien jaar. Tot de dag dat ik het niet meer zag zitten om deel uit te maken van het nmbs systeem: haringen in een ton, of teveel mensen laten rechtstaan in een trein. Wat maakt het uit?

Hoe de dag verliep kon je vier jaar geleden al lezen…. blijft een mooie herinnering



Volgende »